BKR- en EVR-registraties roepen veel vragen en onzekerheid op. In de praktijk zien wij dat cliënten vaak afzien van actie omdat zij denken dat “er toch niets aan te doen is”. Dat is jammer, want veel aannames blijken onjuist. In deze blog zetten wij de meest voorkomende misverstanden over BKR- en EVR-registraties op een rij — en leggen wij uit hoe het juridisch wél zit.
Misverstand 1: “Een bank mag altijd registreren”
Nee. Zowel een BKR- als EVR-registratie moet voldoen aan strikte juridische eisen. Een bank of kredietverstrekker mag niet automatisch of standaard registreren. Er moet onder meer sprake zijn van:
-
een duidelijke grondslag
-
een zorgvuldige belangenafweging
-
een proportionele maatregel
Ontbreekt dit? Dan is de registratie aanvechtbaar.
Misverstand 2: “Na vijf jaar verdwijnt alles vanzelf”
Dit geldt alleen voor bepaalde BKR-registraties en zelfs dan niet zonder uitzonderingen. Bovendien:
-
fouten blijven fouten, ook na jaren
-
disproportionele registraties mogen niet worden voortgezet
-
EVR-registraties kennen een ander regime
Wachten is dus lang niet altijd de juiste keuze.
Misverstand 3: “Als de schuld is afgelost, heb ik geen rechten meer”
Ook dit klopt niet. Na aflossing moet worden beoordeeld of:
-
voortzetting nog noodzakelijk is
-
de registratie nog een gerechtvaardigd doel dient
-
uw persoonlijke belangen zwaarder wegen
In veel gevallen is handhaving niet langer verdedigbaar.
Misverstand 4: “Fraude hoeft niet bewezen te worden voor een EVR-registratie”
Een EVR-registratie wegens fraude vereist meer dan een vermoeden. Er moet sprake zijn van:
-
concrete feiten
-
objectieve onderbouwing
-
aantoonbare betrokkenheid
Een fout of onduidelijkheid is geen fraude. Banken gaan hier in de praktijk regelmatig te ver.
Misverstand 5: “De bank heeft altijd het laatste woord”
Hoewel banken veel invloed hebben, zijn zij niet onaantastbaar. Registraties worden getoetst aan:
-
privacywetgeving
-
beginselen van proportionaliteit
-
redelijkheid en zorgvuldigheid
Rechters en toezichthouders grijpen in wanneer grenzen worden overschreden.
Misverstand 6: “Je ziet een EVR-registratie toch niet, dus het maakt niet uit”
Een EVR-registratie is misschien niet zichtbaar zoals een BKR-registratie, maar de gevolgen zijn vaak ernstiger:
-
aanvragen worden direct afgewezen
-
relaties met banken worden beëindigd
-
ondernemers lopen vast
Juist omdat het register minder transparant is, blijft het risico vaak onderschat.
Misverstand 7: “Een standaard bezwaarbrief is voldoende”
In de praktijk is een algemeen of online voorbeeldbrief zelden effectief. Een succesvol bezwaar vraagt om:
-
juridische onderbouwing
-
feitelijke correctheid
-
inzicht in persoonlijke gevolgen
Zonder maatwerk blijft een registratie meestal gewoon staan.
Misverstand 8: “Het heeft pas zin om iets te doen als ik word afgewezen”
Wachten tot afwijzing is vaak te laat. Een eerdere afwijzing:
-
verslechtert uw positie
-
wordt soms vastgelegd
-
maakt vervolgtrajecten moeilijker
Vooraf laten beoordelen is vrijwel altijd verstandiger.
Wat is wél verstandig bij een BKR- of EVR-registratie?
-
eerst inzicht krijgen in de registratie
-
laten beoordelen of deze juridisch houdbaar is
-
tijdig actie ondernemen
-
niet uitgaan van aannames of verhalen
Elke situatie is anders en vraagt om een individuele beoordeling.
Conclusie: aannames staan succes vaak in de weg
Veel mensen ondernemen geen actie door hardnekkige misverstanden over BKR- en EVR-registraties. Dat is onnodig. In de praktijk blijkt regelmatig dat registraties onjuist, disproportioneel of onvoldoende onderbouwd zijn.
Twijfelt u? Laat uw situatie beoordelen voordat u belangrijke financiële beslissingen neemt.





