Een moratorium is een voorlopige voorziening waarmee de rechtbank de ontruiming van uw woning tijdelijk kan verbieden, voor maximaal zes maanden. De grondslag staat in artikel 287b Faillissementswet. Het is bedoeld voor een bedreigende situatie, en gedwongen woningontruiming is daar met zoveel woorden een van. Het is geen automatisch recht en het is ook geen definitief behoud van uw woning: het koopt tijd om een schuldregeling rond te krijgen.
Wat u nu moet doen
- Neem vandaag nog contact op met de schuldhulpverlening van uw gemeente. Bij een dreigende huisuitzetting moet het eerste gesprek binnen drie werkdagen plaatsvinden (artikel 4 lid 2 Wet gemeentelijke schuldhulpverlening).
- Zorg dat de lopende huur wordt betaald. Zonder dat werkt de bescherming niet.
- Zoek de aanzegging van de deurwaarder en het ontruimingsvonnis erbij; daar staan de datum en het zaaknummer.
- Bel ons zodra er een ontruimingsdatum is: 070 450 0300. Een moratorium moet aanhangig zijn vóór die datum.
Wat houdt een moratorium precies in?
De rechtbank verklaart de artikelen 304 of 305 Faillissementswet van toepassing en verbiedt daarmee tijdelijk de uitvoering. Dat staat in artikel 287b lid 4 Fw. Voor huurders is vooral artikel 305 lid 2 Fw van belang: is er een ontruimingsvonnis gewezen wegens een huurschuld van vóór de schuldsanering, dan wordt de tenuitvoerlegging van dat vonnis opgeschort, mits de lopende huurpenningen tijdig worden voldaan. Dezelfde bepaling regelt dat de huurovereenkomst voor de duur van de schuldsaneringsregeling wordt verlengd.
De voorziening geldt voor maximaal zes maanden (artikel 287b lid 5 Fw). Naast woningontruiming gelden ook het afsluiten van gas, elektriciteit of water en het opzeggen of ontbinden van de zorgverzekering als bedreigende situatie (artikel 287b lid 2 Fw).
Aan welke voorwaarden moet ik voldoen?
Het moratorium staat niet op zichzelf: het hangt aan een schuldsaneringsverzoek. Artikel 287b lid 1 Fw bepaalt dat het verzoek wordt gedaan in het verzoekschrift van artikel 284 lid 1 Fw, dus in het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling, en voorafgaand aan de behandeling van een verzoek om een dwangakkoord (artikel 287a Fw). Ook burgemeester en wethouders kunnen het verzoek doen als zij een verzoek op de voet van artikel 284 lid 4 Fw hebben ingediend.
In de praktijk betekent dat drie dingen:
- er moet een minnelijk traject zijn geweest of lopen, uitgevoerd door een gemeentelijke kredietbank of een andere instelling als bedoeld in artikel 48 lid 1 van de Wet op het consumentenkrediet;
- er moet een bedreigende situatie zijn, zoals een aangezegde ontruiming;
- de rechtbank maakt een belangenafweging. Artikel 287b Fw bevat zelf geen toewijzingscriterium; rechtbanken zoeken daarvoor aansluiting bij artikel 287 lid 4 Fw en wegen uw belang af tegen dat van de verhuurder. Zie bijvoorbeeld Rechtbank Rotterdam 1 juni 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:6316, waarin een moratorium van zes maanden werd toegewezen onder een in het dictum opgenomen voorwaarde.
In diezelfde uitspraak oordeelde de rechtbank dat gestelde overlast niet kon worden meegewogen, omdat overlast niet als grond voor de ontbinding was opgenomen. Dat laat zien hoe nauw het luistert waarop het ontruimingsvonnis precies is gebaseerd.
Hoe verloopt de procedure?
Snel, en met een zitting. Artikel 287b lid 3 Fw verklaart onder meer artikel 287a lid 2, 3 en 4 Fw van overeenkomstige toepassing. De rechtbank stelt daarom terstond dag, uur en plaats vast waarop zij u en de betrokken schuldeiser hoort, de griffier roept schriftelijk op, en de rechtbank doet uitspraak op de dag van de zitting of uiterlijk op de achtste dag daarna. Na afloop van de voorziening brengt de schuldhulpverlener verslag uit aan de rechtbank (artikel 287b lid 6 Fw).
Ter illustratie. Een gezin krijgt een ontruimingsdatum aangezegd voor over drie weken. De gemeente heeft een schuldregeling in voorbereiding, maar die is nog niet rond. Met een verzoek op grond van artikel 287b Fw kan de rechtbank de uitvoering van het vonnis tijdelijk verbieden, zodat het minnelijk traject kan worden afgerond. Betaalt het gezin de lopende huur in die periode niet, dan vervalt de bodem onder de bescherming van artikel 305 lid 2 Fw. Dit is een voorbeeldsituatie ter illustratie van de regel, geen zaak van ons kantoor.
Wat is het verschil met verzet, hoger beroep en een executiegeschil?
Een moratorium bestrijdt het vonnis niet, het schort de uitvoering ervan op. Vier routes naast elkaar:
- Verzet (artikel 143 Rv) richt zich tegen een verstekvonnis en moet binnen vier weken na betekening in persoon of na een daad van bekendheid. Het schorst de uitvoering niet als het vonnis uitvoerbaar bij voorraad is verklaard (artikel 145 Rv).
- Hoger beroep (artikel 339 lid 1 Rv) moet binnen drie maanden, bij kort geding binnen vier weken.
- Executiegeschil (artikel 438 Rv): de voorzieningenrechter kan de executie schorsen, bijvoorbeeld bij misbruik van bevoegdheid of een feitelijke misslag.
- Moratorium (artikel 287b Fw): tijdelijke bescherming vanuit het schuldhulptraject, maximaal zes maanden.
Welke route past, hangt af van hoe het vonnis tot stand kwam en van uw financiële situatie. Zie ook ontruimingsvonnis ontvangen.
Wanneer het misgaat
- U wacht tot de ontruimingsdag zelf. Er moet een zitting worden gepland en de schuldhulpverlening moet aan boord zijn. Dagen tellen hier.
- De lopende huur wordt niet betaald. Artikel 305 lid 2 Fw stelt dat uitdrukkelijk als voorwaarde voor opschorting.
- Er is geen minnelijk traject via een erkende instelling. De rechtbank toetst of de schuldbemiddeling wordt uitgevoerd door een persoon of instelling als bedoeld in artikel 48 lid 1 Wck.
- U ziet het moratorium als eindstation. Het is tijdelijke bescherming, geen definitief behoud van de woning. In die zes maanden moet er iets gebeuren.
Verder lezen
- Ontruimingsvonnis ontvangen: verzet, beroep of executiegeschil
- Huurachterstand en dreigende ontruiming: wat kunt u doen?
- Betalingsregeling bij huurachterstand en vroegsignalering
- Uw verhuurder zegt de huur op of kondigt ontruiming aan
Veelgestelde vragen
Wat is een moratorium bij een dreigende huisuitzetting?
Een voorlopige voorziening op grond van artikel 287b Faillissementswet waarmee de rechtbank de uitvoering van een ontruimingsvonnis tijdelijk kan verbieden, voor maximaal zes maanden.
Kan ik zelf een moratorium aanvragen?
Het verzoek wordt gedaan in het verzoekschrift tot toepassing van de schuldsaneringsregeling (artikel 284 lid 1 Fw), en kan ook door burgemeester en wethouders worden gedaan. Er moet een minnelijk traject lopen via een instelling als bedoeld in artikel 48 lid 1 Wck.
Hoe lang duurt een moratorium?
Maximaal zes maanden (artikel 287b lid 5 Fw). Na afloop brengt de schuldhulpverlener verslag uit aan de rechtbank.
Moet ik tijdens het moratorium huur blijven betalen?
Ja. Artikel 305 lid 2 Faillissementswet schort de tenuitvoerlegging van het ontruimingsvonnis alleen op als de lopende huurpenningen tijdig worden voldaan.
Betekent een moratorium dat ik mijn woning houd?
Nee. Het is tijdelijke bescherming die ruimte geeft om een schuldregeling af te ronden, geen definitief behoud van de woning.
Neem contact op
Is er een ontruimingsdatum aangezegd en loopt er schuldhulpverlening? Bel 070 450 0300 of stuur uw stukken via arslan.nl/contact. Het eerste gesprek is kosteloos en vertrouwelijk. Wij hebben zes vestigingen en helpen u ook in het Turks, Pools en Engels.
Geschreven door Ömür Arslan, advocaat huurrecht bij Arslan Advocaten. Ingeschreven in het rechtsgebiedenregister van de Nederlandse orde van advocaten voor huurrecht en sociaal zekerheidsrecht. Inhoudelijk gecontroleerd op 11 september 2026 aan de hand van de wettekst, de Aanbeveling huurzaken van de Expertgroep huurrecht (LOVCK, mei 2023) en HR 28 september 2018, ECLI:NL:HR:2018:1810.



