Opzetclausule uitgelegd – wanneer weigert de verzekeraar?

23 maart 2026
Foto van Arslan Advocaten

Arslan Advocaten

Snel hulp nodig?
Drag & Drop Files, Choose Files to Upload Je kunt tot 5 bestanden uploaden.

Kies een vestiging

Wij gebruiken uw gegevens alleen om contact met u op te nemen over uw vraag. Lees hoe wij daarmee omgaan in onze privacyverklaring.

Doet uw aansprakelijkheidsverzekeraar een beroep op de opzetclausule, dan weigert hij dekking omdat de schade het gevolg zou zijn van opzettelijk handelen. Voordat u daarover in discussie gaat, moet u één ding weten: er circuleren twee verschillende modelclausules naast elkaar, en het verschil daartussen bepaalt of voorwaardelijk opzet wel of niet is uitgesloten. Kijk dus altijd eerst wat er in úw polis staat.

Geschreven door Onur Arslan, advocaat bij Arslan Advocaten. Ingeschreven in het rechtsgebiedenregister van de Nederlandse orde van advocaten voor arbeidsrecht en letselschade. Laatst bijgewerkt: 17 september 2026.

Twee modellen, twee uitkomsten

ModelKern en gevolg
Opzetclausule uit het Standaardpolismodel AVP 2000Sluit uit: schade veroorzaakt door opzettelijk en tegen een persoon of zaak gericht wederrechtelijk handelen. Het vereiste van “gericht” handelen begrenst de clausule; over de vraag of voorwaardelijk opzet eronder valt, is jarenlang geprocedeerd.
Model-opzetclausule van het Verbond van Verzekeraars, 2 april 2020Laat het “gericht”-vereiste los en sluit uitdrukkelijk alle drie de vormen van opzet uit: opzet als oogmerk, opzet met zekerheidsbewustzijn én voorwaardelijk opzet. De clausule knoopt aan bij wat iemand weet of objectief bezien behoort te weten over het intreden van schade.

Twee waarschuwingen daarbij. Het gaat om een modelclausule: het staat verzekeraars vrij die tekst al dan niet gewijzigd in hun voorwaarden op te nemen. Er is dus geen sprake van één landelijk geldende opzetclausule. En bepalend is de versie die gold op het moment dat uw polis werd gesloten of laatstelijk gewijzigd — niet de nieuwste tekst op de website van de verzekeraar. Vraag daarom altijd de polisvoorwaarden op die op het schadegeval van toepassing zijn, met versienummer en datum.

De drie vormen van opzet

Opzet als oogmerk

De verzekerde wilde de schade veroorzaken en heeft daar bewust naar gehandeld. De zwaarste vorm; die valt onder beide modellen.

Opzet met zekerheidsbewustzijn

De schade was niet het doel, maar de verzekerde wist dat zij met zekerheid zou intreden. Wie een steen door een ruit gooit om een ander te raken, weet zeker dat het raam sneuvelt. Ook deze vorm valt onder beide modellen.

Voorwaardelijk opzet

De verzekerde heeft de aanmerkelijke kans op schade willens en wetens aanvaard. Hier zit het verschil tussen de modellen: onder het model uit 2000 is dit een discussiepunt, mede door het vereiste van “gericht” handelen, terwijl het model uit 2020 deze vorm uitdrukkelijk uitsluit. Staat in uw polis nog de tekst uit 2000, dan is er dus meer ruimte voor verweer dan onder de nieuwere formulering.

Wat de Hoge Raad heeft bepaald

Het belangrijkste arrest over de clausule uit 2000 is het zogenoemde shaken baby-arrest: HR 13 april 2018, ECLI:NL:HR:2018:601. Daarin ging het om een vader die zijn huilende baby zo hard schudde dat het kind hersenletsel opliep, waarna de aansprakelijkheidsverzekeraar een beroep deed op de opzetclausule.

De kern van wat daaruit volgt voor de praktijk: de beoordeling is subjectief én concreet. Het gaat om wat deze verzekerde in deze situatie heeft gewild en beseft, niet om wat een gemiddeld mens had moeten begrijpen. En het opzet moet zien op de schade zoals die is ingetreden. Iemand die opzettelijk slaat, heeft daarmee nog niet opzettelijk blijvend hersenletsel veroorzaakt. Juist op dat punt strandt een beroep op de clausule uit 2000 met enige regelmaat.

De bewijslast van de feiten die het beroep op de uitsluiting dragen, ligt bij de verzekeraar (art. 150 Rv). Hij moet dus concreet maken welk opzet er was en waaruit dat blijkt — een strafrechtelijke veroordeling is daarvoor een aanwijzing, maar geen automatisme, omdat het strafrechtelijke opzetbegrip niet samenvalt met dat van de polis.

Wanneer een verzekeraar zich hierop beroept

In de praktijk vooral bij geweldsincidenten, vernieling en brandstichting. Voor het slachtoffer is dat ingrijpend: slaagt het beroep, dan verhaalt het slachtoffer zijn schade niet op de verzekeraar maar op de dader persoonlijk, die vaak geen verhaal biedt.

Bij verkeersongevallen ligt het anders. De verplichte WAM-verzekering beschermt de benadeelde derde, ook wanneer de bestuurder opzettelijk handelde; de verzekeraar kan de uitkering vervolgens op de verzekerde verhalen. Het Waarborgfonds Motorverkeer komt alleen in beeld onder de wettelijke voorwaarden, bijvoorbeeld bij een onbekend gebleven of onverzekerd motorrijtuig — niet als vangnet voor elke afgewezen claim.

Verweer tegen een beroep op de opzetclausule

1. Controleer welke clausuletekst geldt

Vraag de polisvoorwaarden op met versie en datum. Staat er nog de tekst uit 2000, dan geldt het “gericht”-vereiste en is er ruimte voor het verweer dat voorwaardelijk opzet niet onder de clausule valt.

2. Betwist het opzet zelf

Was er sprake van een ongeluk, van noodweer of van een onbedoelde escalatie? En vooral: zag het opzet ook op de schade zoals die is ingetreden? Getuigenverklaringen, camerabeelden en het strafdossier zijn hier de belangrijkste stukken.

3. Voer persoonlijke omstandigheden aan

Een psychische stoornis, een acute crisissituatie of verminderde toerekeningsvatbaarheid kan meebrengen dat het vereiste opzet ontbrak. Dat vergt onderbouwing, doorgaans met een rapport van een psychiater of psycholoog over de toestand ten tijde van het incident.

4. Beroep u op redelijkheid en billijkheid

In uitzonderlijke gevallen kan een beroep op de clausule naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zijn. Dat is een hoge drempel en geen standaardverweer, maar bij zeer disproportionele gevolgen is het het overwegen waard.

Minderjarigen en verminderd toerekeningsvatbaren

Veroorzaakt een kind schade, dan is de vraag of het de gevolgen van zijn handelen kon overzien. Hoe jonger het kind, hoe minder snel van opzet in de zin van de polis kan worden gesproken. Let daarnaast op de aansprakelijkheidsregels zelf: voor kinderen onder de veertien jaar rust de aansprakelijkheid op de ouders of voogd, en bij kinderen van veertien en vijftien geldt een eigen regeling — dat staat los van de vraag of de opzetclausule opgaat.

Ook bij een verzekerde die verminderd toerekeningsvatbaar was, kan het vereiste opzet ontbreken. Ook hier is een deskundigenrapport over de geestelijke toestand ten tijde van het incident meestal onmisbaar.

Niet verwarren met andere uitsluitingen

Polissen bevatten daarnaast uitsluitingen voor onder meer molest, kernreacties, milieuverontreiniging, motorrijtuigen en seksuele gedragingen. Die hebben elk hun eigen omschrijving en hun eigen beoordelingskader. Een verzekeraar die in één brief drie uitsluitingen naast elkaar noemt zonder per uitsluiting te onderbouwen waarom zij van toepassing is, geeft u een aanknopingspunt.

Wat u doet

  1. Vraag de gemotiveerde beslissing op, met de letterlijke clausuletekst en het versienummer van de voorwaarden.
  2. Vraag welke feiten de verzekeraar aan het opzet ten grondslag legt, en waaruit die blijken.
  3. Verzamel het strafdossier, verklaringen en eventueel medisch bewijs over uw toestand ten tijde van het incident.
  4. Dien een onderbouwde klacht in bij de verzekeraar.
  5. Ga zo nodig naar Kifid — voor consumenten kosteloos — of naar de rechter. Kies bewust tussen bindend en niet-bindend advies.
  6. Bewaak de verjaring: drie jaar vanaf de dag na bekendheid met de opeisbaarheid, te stuiten met een schriftelijke aanspraak op uitkering (art. 7:942 BW).

Veelgestelde vragen

Geldt er één landelijke opzetclausule?

Nee. Het Verbond van Verzekeraars adviseert een modelclausule, maar verzekeraars zijn vrij die al dan niet gewijzigd over te nemen. Naast het model uit het Standaardpolismodel AVP 2000 bestaat sinds 2 april 2020 een nieuwer model. Welke tekst voor u geldt, staat in uw eigen polisvoorwaarden.

Valt voorwaardelijk opzet onder de opzetclausule?

Dat hangt af van de clausuletekst. Het model uit 2020 sluit voorwaardelijk opzet uitdrukkelijk uit. Onder het model uit 2000, met het vereiste van “gericht” handelen, is dat een discussiepunt en is er meer ruimte voor verweer.

Betekent een strafrechtelijke veroordeling dat de clausule opgaat?

Niet automatisch. Het strafrechtelijke opzetbegrip valt niet samen met dat van de polis, en het opzet moet zien op de schade zoals die is ingetreden. Wie opzettelijk sloeg, heeft daarmee nog niet opzettelijk blijvend letsel veroorzaakt. De verzekeraar draagt de bewijslast van de feiten die zijn beroep dragen.

Wat betekent het voor het slachtoffer?

Slaagt het beroep, dan blijft de dader zelf aansprakelijk en moet het slachtoffer de schade op hem persoonlijk verhalen. Bij een verkeersongeval ligt dat anders: de WAM beschermt de benadeelde derde, waarna de verzekeraar de uitkering op de verzekerde kan verhalen.

Speelt de leeftijd van de verzekerde een rol?

Ja. Bij jonge kinderen is de vraag of zij de gevolgen van hun handelen konden overzien; hoe jonger, hoe minder snel van opzet in de zin van de polis kan worden gesproken. Daarnaast gelden voor kinderen eigen aansprakelijkheidsregels, die losstaan van de opzetclausule.

Lees ook

Hulp nodig?

Beroept uw verzekeraar zich op de opzetclausule? De eerste vraag is welke clausuletekst geldt; de tweede of het opzet ook op déze schade zag. Wij beoordelen beide. Komt u in aanmerking voor gesubsidieerde rechtsbijstand, dan toetsen wij dat vooraf. Neem contact op met onze verzekeringsrechtadvocaten.


Gerelateerde juridische diensten

Deel dit bericht
Facebook
Twitter
LinkedIn
Snel hulp nodig?