Uw kind aangereden?
Voor kinderen onder de veertien jaar geldt in beginsel volledige vergoeding van de schade, ook als het kind zelf een verkeersfout maakte.
- Alleen bij opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid kan dat anders zijn.
- Gevolgen voor school, ontwikkeling of later werk worden soms pas later duidelijk.
- Bewaar medische en schoolinformatie vanaf het begin.
Bel 070 450 0300Stuur uw stukken op
Het eerste gesprek is kosteloos en vertrouwelijk. Zes vestigingen in Nederland. Wij spreken ook Turks, Pools en Engels.
Wanneer een kind jonger dan veertien jaar als fietser of voetganger bij een aanrijding met een motorrijtuig letsel oploopt, geldt een bijzondere bescherming. In beginsel wordt de schade van het kind volledig vergoed. Deze bescherming kan ook gelden als het kind zelf een verkeersfout maakte.
Geschreven door Onur Arslan, advocaat bij Arslan Advocaten. Ingeschreven in het rechtsgebiedenregister van de Nederlandse orde van advocaten voor arbeidsrecht en letselschade. Laatst bijgewerkt: 17 september 2026.
De wettelijke basis ligt in artikel 185 van de Wegenverkeerswet 1994. Bij een ongeval tussen een motorrijtuig en een ongemotoriseerde verkeersdeelnemer is de eigenaar of houder van het motorrijtuig in beginsel aansprakelijk, behalve bij overmacht.
De 100%-regel voor kinderen onder de veertien jaar is ontwikkeld in de rechtspraak van de Hoge Raad. Bij deze groep kan overmacht of eigen schuld slechts in zeer uitzonderlijke situaties worden aangenomen, namelijk bij opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid. De precieze beoordeling blijft afhankelijk van de feiten van het ongeval.
Na een aanrijding is zorgvuldige vastlegging belangrijk. Schakel medische hulp in wanneer dat nodig is, bewaar gegevens van de betrokkenen en getuigen, en leg schade en relevante kosten zo volledig mogelijk vast. Dat helpt bij de beoordeling van aansprakelijkheid en schade.
Een letselschadedossier van een kind kan langdurig zijn. Gevolgen voor school, ontwikkeling of toekomstig werk worden soms pas later duidelijk. Het kan daarom verstandig zijn om medische informatie, schoolinformatie en stukken over extra zorg of ondersteuning te bewaren.
Een schadevergoeding kan onder meer betrekking hebben op aantoonbare medische kosten, extra hulp, reiskosten, studievertraging, verlies van verdienvermogen en immateriële schade. Welke posten voor vergoeding in aanmerking komen, hangt af van de omstandigheden, het letsel en de onderbouwing.
Let ook op termijnen. Voor minderjarigen geldt op grond van artikel 3:320 BW dat de verjaringstermijn (vijf jaar ex artikel 3:310 BW) in de regel pas aanvangt zodra de minderjarige achttien jaar is geworden, tenzij eerder door een wettelijk vertegenwoordiger een stuitingshandeling is verricht of een procedure is gestart. Een vordering op de WAM-verzekeraar kent daarnaast een eigen rechtstreeks vorderingsrecht (artikel 6 WAM).
Als aansprakelijkheid vaststaat, kunnen redelijke kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid en ter verkrijging van voldoening buiten rechte onder voorwaarden voor vergoeding in aanmerking komen. Of en in welke omvang dat het geval is, hangt af van het dossier.
Heeft uw kind een ongeval gehad? Arslan Advocaten kan de juridische positie, de benodigde bewijsstukken en de te nemen stappen met u doornemen. Neem contact op voor een beoordeling die aansluit op uw situatie.
Bronnen: Artikel 185 Wegenverkeerswet 1994, artikel 6 Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen, artikel 3:310 BW, artikel 6:96 BW en Hoge Raad-jurisprudentie over de 100%-regel.
Bij een aanrijding tussen een motorrijtuig en een kind jonger dan veertien jaar (als fietser of voetganger) geldt op grond van artikel 185 Wegenverkeerswet 1994 en vaste rechtspraak van de Hoge Raad een bijzondere bescherming. In beginsel wordt de schade volledig vergoed, tenzij er sprake is van opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid van het kind.
Veelgestelde vragen en juridische kaders over de 100%-regel
| Vraag / Aspect | Juridisch uitgangspunt (Wet & Jurisprudentie) | Praktische nuance & Aandachtspunten |
|---|---|---|
| Voor wie geldt de 100%-regel? | Kinderen van 0 tot 13 jaar oud als zwakke verkeersdeelnemer (fietser of voetganger) bij een aanrijding met een motorrijtuig (art. 185 WVW 1994). | Geldt niet voor kinderen in een auto (passagier) of op een bromfiets. Ook niet voor aanrijdingen tussen twee ongemotoriseerde voertuigen. |
| Wanneer kan eigen schuld worden tegengeworpen? | Slechts in zeer uitzonderlijke situaties bij opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid van het jonge kind. | De bewijslast voor opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid ligt bij de eigenaar/verzekeraar van het motorrijtuig en wordt door rechters zeer streng getoetst. |
| Hoe werken verjaringstermijnen bij minderjarigen? | Op grond van artikel 3:320 BW wordt de verjaring van vorderingen van minderjarigen tot hun meerderjarigheid opgeschort. | De verjaringstermijn van vijf jaar (art. 3:310 BW) vangt voor de minderjarige in de regel pas aan op de dag na de achttiende verjaardag, tenzij een wettelijk vertegenwoordiger eerder tijdig stuit of procedeert. |
Uitgebreide uitleg en praktische aandachtspunten
Wanneer heeft uw aangereden kind recht op 100% schadevergoeding? Dit artikel behandelt de wettelijke bescherming, de uitzonderingen en de juridische stappen na een verkeersongeval met minderjarigen.
Op grond van artikel 185 van de Wegenverkeerswet 1994 en vaste jurisprudentie van de Hoge Raad hebben kinderen jonger dan veertien jaar als zwakke verkeersdeelnemer recht op een volledige schadevergoeding van 100%, tenzij er sprake is van opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid. Hierdoor wordt het jonge slachtoffer maximaal beschermd tegen de financiële en juridische gevolgen van een verkeersongeval.
1. De wettelijke grondslag van artikel 185 WVW 1994
Artikel 185 van de Wegenverkeerswet vormt de hoeksteen van de bescherming van ongemotoriseerde verkeersdeelnemers zoals voetgangers en fietsers tegen motorrijtuigen. Wanneer een auto of vrachtwagen betrokken is bij een aanrijding met een zwakke verkeersdeelnemer, is de eigenaar van het motorrijtuig in beginsel aansprakelijk voor de schade. Dit systeem is ontworpen om de kwetsbaarheid van fietsers en voetgangers in het moderne verkeer te compenseren.
2. De bijzondere positie en bescherming van kinderen tot veertien jaar
Voor kinderen jonger dan veertien jaar geldt in de Nederlandse rechtspraak een vergaande bescherming, ook wel bekend als de 100%-regel. Omdat jonge kinderen de gevaren van het verkeer nog niet volledig kunnen overzien en vaak impulsief handelen, oordeelt de Hoge Raad dat eigen schuld van het kind in de regel geen rol speelt bij het verminderen van de aansprakelijkheid. Alleen bij opzet of bewuste roekeloosheid die aan opzet grenst, kan deze bescherming komen te vervallen, al komt dit in de praktijk uiterst zelden voor.
3. Schadebepaling en vergoedbare schadeposten bij minderjarigen
De schadevergoeding na een aanrijding omvat zowel materiële als immateriële schadeposten. Bij kinderen kan het gaan om directe medische kosten, eigen bijdragen voor therapieën, reiskosten voor ouders en eventuele aanpassingen in de woning. Daarnaast kan immateriële schade (smartengeld) worden gevorderd ter compensatie van pijn, verdriet en gederfde levensvreugde als gevolg van het letsel en de ondergane behandelingen.
4. Studievertraging, ontwikkeling en toekomstige schade
Letsel op jonge leeftijd kan langdurige gevolgen hebben voor de schoolprestaties, beroepsopleiding en de latere positie op de arbeidsmarkt. Studievertraging door langdurige afwezigheid of verminderde concentratie kan leiden tot latere inkomensschade. Het is juridisch van groot belang om deze potentiële langetermijngevolgen tijdig in kaart te brengen en vast te leggen in het letselschadedossier, aangezien de exacte schade zich soms pas na vele jaren openbaart.
5. Verjaringstermijnen en de wettelijke vertegenwoordiging
Voor minderjarigen gelden afwijkende verjaringstermijnen op grond van artikel 3:320 BW. De wettelijke verjaringstermijn van vijf jaar voor letselschadevorderingen vangt voor een minderjarige in de regel pas aan op de dag waarop hij of zij achttien jaar wordt. Dit voorkomt dat rechten verloren gaan voordat het slachtoffer handelingsbekwaam is. Wel kunnen ouders of wettelijke vertegenwoordigers namens het kind reeds direct na het ongeval stuitingshandelingen verrichten of procedures starten.
6. Buitengerechtelijke kosten en WAM-verzekeraars
Wanneer de aansprakelijkheid voor het ongeval vaststaat, moeten de redelijke kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid op grond van artikel 6:96 BW door de WAM-verzekeraar van de motorrijtuigbezitter worden vergoed. Dit betekent dat deskundige juridische bijstand voor het gezin in beginsel kosteloos kan worden ingeschakeld, omdat deze advocaatkosten als schadecomponent op de aansprakelijke partij worden verhaald.
Praktijkvoorbeeld
Een negenjarig kind fietst op weg naar school en steekt plotseling over tussen geparkeerde auto’s door, buiten een zebrapad, waarna het wordt aangereden door een personenauto en letsel aan het onderbeen oploopt. Hoewel het kind een verkeersfout maakt door niet goed op te letten, bepaalt de vaste jurisprudentie van de Hoge Raad dat kinderen onder de veertien jaar in beginsel recht hebben op een volledige schadevergoeding van 100%. De verzekeraar van de automobilist kan slechts aan aansprakelijkheid ontkomen indien er sprake is van opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid bij het kind, wat bij een onoplettende negenjarige feitelijk niet aan de orde is.
Bewijschecklist
- Het officiële proces-verbaal of aanrijdingsformulier van de politie, inclusief eventuele getuigenverklaringen en politietekeningen.
- Medische dossiers, behandelrapporten van artsen, ziekenhuisverslagen en specialistenverklaringen waaruit de aard en ernst van het letsel blijken.
- Een gespecificeerd overzicht en alle bonnen/facturen van gemaakte medische kosten, eigen risico, medicatie en reiskosten naar behandelaars.
- Documentatie van school of onderwijsinstelling met betrekking tot gemiste lessen, studievertraging of noodzakelijke begeleiding.
- Bewijsstukken van gemaakte kosten voor extra huishoudelijke hulp, opvang, aanpassingen in huis of reiskosten van ouders in verband met mantelzorg.
Overzicht in één oogopslag
| Juridisch Aspect | Kinderen van 0 tot 13 jaar | Personen van 14 jaar en ouder |
|---|---|---|
| Wettelijke basis | Artikel 185 WVW 1994 juncto vaste Hoge Raad-jurisprudentie | Artikel 185 WVW 1994 en eventuele eigen schuld-correctie |
| Beschermingsniveau | Vrijwel absolute bescherming (100%-regel) | Correctie op basis van eigen schuld en mate van verwijtbaarheid |
| Mogelijkheid eigen schuld | Uitzonderlijk, enkel bij opzet of bewuste roekeloosheid | Reguliere toetsing van verkeersgedrag en eigen schuld (bijv. 50% of 100% vergoeding) |
| Verjaringstermijn | Opgeschort tot het bereiken van de 18e verjaardag (art. 3:320 BW) | Standaard verjaring van 5 jaar na ontdekking schade en aansprakelijke partij (art. 3:310 BW) |
Veelgestelde vragen
V: Geldt de 100%-regel ook als het kind zelf een duidelijke verkeersfout maakte? A: Ja, in beginsel wel. Voor kinderen jonger dan veertien jaar oordeelt de Hoge Raad dat eigen schuld geen rol speelt, tenzij er sprake is van opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid, wat extreem zeldzaam is bij jonge kinderen.
V: Wat als het kind passagier was in de auto in plaats van fietser of voetganger? A: De bescherming van artikel 185 WVW 1994 en de 100%-regel gelden uitsluitend voor ongemotoriseerde verkeersdeelnemers (fietsers en voetgangers). Voor inzittenden van een motorrijtuig gelden de algemene regels van de WAM en vervoerdersaansprakelijkheid.
V: Wanneer verjaart een letselschadevordering voor een minderjarig kind? A: Op grond van artikel 3:320 BW wordt de verjaringstermijn van vijf jaar opgeschort tot de dag nadat het kind achttien jaar is geworden, tenzij de wettelijke vertegenwoordiger eerder stuitingshandelingen heeft verricht.
V: Moeten wij als ouders betalen voor juridische rechtsbijstand na het ongeval? A: Wanneer de aansprakelijkheid van de automobilist vaststaat, vallen de redelijke kosten voor rechtsbijstand en expertises op grond van artikel 6:96 BW onder de schadevergoeding die de verzekeraar moet vergoeden.
V: Welke schadeposten kunnen worden geclaimd voor een aangereden kind? A: Dit omvat onder meer medische kosten, reiskosten, studievertraging, kosten van extra begeleiding, huishoudelijke hulp en immateriële schade (smartengeld) ter compensatie van pijn en letsel.
Deze informatie is algemeen van aard. De uitkomst hangt af van de concrete feiten, het beschikbare bewijs en de toepasselijke regels. Laat uw eigen situatie afzonderlijk beoordelen.
Bronnen
Veelgestelde vragen over een aangereden kind
Waarom krijgt een kind onder de veertien volledige vergoeding?
De Hoge Raad heeft voor deze groep een bijzondere bescherming aanvaard: alleen bij opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid kan de vergoeding lager uitvallen.
Geldt dat ook als mijn kind zelf een fout maakte?
Ja, in beginsel wel. Juist omdat van jonge kinderen niet mag worden verwacht dat zij het verkeer goed inschatten.
Wat geldt er vanaf veertien jaar?
Dan geldt de gewone regel van artikel 185 WVW, met de zogenoemde 50%-regel als ondergrens voor ongemotoriseerde verkeersdeelnemers.
Welke schade kan een kind vorderen?
Medische kosten, extra zorg, studievertraging, smartengeld en — bij blijvend letsel — verlies van verdienvermogen in de toekomst.
Hoelang blijft de vordering van mijn kind bestaan?
Was uw kind minderjarig op de dag dat schade en aansprakelijke bekend werden, dan begint de termijn van vijf jaar pas te lopen op de dag na de achttiende verjaardag.
Juridisch gecontroleerd door Onur Arslan, advocaat bij Arslan Advocaten.



