Letsel opgelopen? Dit is belangrijk om te weten.
Een vordering wegens letsel verjaart in beginsel vijf jaar nadat u bekend bent met de schade en de aansprakelijke persoon.
- Was u minderjarig? Dan gaat die termijn pas lopen op uw achttiende verjaardag.
- Bewaar alles: medische stukken, foto’s, het schadeformulier en uw eigen aantekeningen.
- Wij beoordelen kosteloos of u een zaak heeft en zeggen het eerlijk als dat niet zo is.
Bel 070 450 0300WhatsApp onsStuur uw stukken op
Het eerste gesprek is kosteloos en vertrouwelijk. Zes vestigingen in Nederland. Wij spreken ook Turks, Pools en Engels.
Geschreven door Onur Arslan, advocaat letselschade bij Arslan Advocaten. Ingeschreven in het rechtsgebiedenregister van de Nederlandse orde van advocaten voor arbeidsrecht en letselschade. Laatst bijgewerkt: 21 september 2026.
Een letselschadevergoeding is het totaal van alle schade die u door het ongeval lijdt: uw financiële nadeel én de vergoeding voor het leed zelf. Dat totaal bestaat niet uit één bedrag, maar uit een reeks losse schadeposten die u stuk voor stuk moet benoemen en onderbouwen. Wat niet wordt opgevoerd, wordt in de regel ook niet vergoed — en dat is precies waar de meeste vergoedingen te laag uitvallen.
Deze pagina zet de schadeposten op een rij: wat eronder valt, waar de discussie met de verzekeraar meestal over gaat, en waar u de uitwerking per post vindt.
Waaruit bestaat een letselschadevergoeding?
De wet werkt met een tweedeling. Artikel 6:95 lid 1 BW bepaalt dat de te vergoeden schade bestaat uit vermogensschade en ander nadeel, dat laatste “voor zover de wet op vergoeding hiervan recht geeft”. Voor letsel geeft artikel 6:106 BW dat recht: wie lichamelijk letsel heeft opgelopen, heeft recht op een naar billijkheid vast te stellen vergoeding van het nadeel dat niet in vermogensschade bestaat. In gewone woorden: uw materiële schade en uw smartengeld.
Uw materiële schade is alles wat in geld is uit te drukken. Artikel 6:96 lid 1 BW rekent daartoe zowel geleden verlies als gederfde winst — het gaat dus niet alleen om rekeningen die u al heeft betaald, maar ook om inkomen dat u door het letsel niet meer zult verdienen. Uw immateriële schade is de vergoeding voor pijn, angst, verdriet en de dingen die u niet meer kunt doen zoals daarvoor.
Wat mensen structureel verkeerd inschatten, is de verhouding tussen die twee. Bij ernstig letsel is het smartengeld doorgaans het kleinste onderdeel van de claim: verlies van arbeidsvermogen over een volledige loopbaan, levenslange zorg en aanpassing van de woning overtreffen het in de regel ruimschoots. Wie alleen over het smartengeldbedrag onderhandelt, laat het grootste deel van zijn schade liggen.
Twee bepalingen kleuren het geheel. Artikel 6:97 BW laat de rechter de schade begroten op de wijze die het meest met de aard ervan in overeenstemming is, en schatten als de omvang niet nauwkeurig kan worden vastgesteld — bij toekomstschade is schatten eerder regel dan uitzondering. En artikel 6:98 BW bepaalt dat alleen schade voor vergoeding in aanmerking komt die als gevolg van de gebeurtenis aan de aansprakelijke partij kan worden toegerekend. Dat laatste, het causaal verband, is in de praktijk vaker het strijdpunt dan de aansprakelijkheid zelf.
De schadeposten op een rij
Hieronder staan de posten die in een letselschadedossier het vaakst voorkomen, met per post de pagina waarop wij hem uitwerken.
Wat u misloopt aan inkomen
Wat u zelf niet meer kunt
Kosten die u maakt
De vergoeding voor het leed zelf
Als een naaste is overleden of zwaar gewond raakt
Wat er daarna met uw geld gebeurt
Verlies van arbeidsvermogen: meestal de grootste post
Verlies van arbeidsvermogen is het verschil tussen het inkomen dat u zonder ongeval zou hebben gehad en het inkomen dat u met uw beperkingen nog kunt verdienen. Niet uw huidige salarisstrook is het uitgangspunt, maar uw loopbaan zoals die zonder het ongeval zou zijn verlopen.
Dat betekent dat de berekening verder gaat dan gemist loon over de afgelopen maanden. Meegenomen worden onder meer de promotie die er zat aan te komen, de overuren en toeslagen die structureel werden gemaakt, de bonus, de lagere pensioenopbouw en het moment waarop u zonder ongeval met werken zou zijn gestopt. Bij jonge slachtoffers zonder arbeidsverleden wordt gekeken naar opleiding, aanleg en de arbeidsmarkt in hun richting.
Omdat het om de toekomst gaat, kan de omvang niet exact worden vastgesteld. Artikel 6:97 BW geeft daarvoor de ruimte: de rechter begroot de schade op de wijze die het meest met de aard ervan in overeenstemming is, en schat haar als zij niet nauwkeurig kan worden vastgesteld. In de praktijk stelt een rekenkundige twee scenario’s naast elkaar — de situatie zonder ongeval en de situatie met ongeval — en is het verschil, contant gemaakt naar vandaag, uw schade.
Waar de verzekeraar bij deze post op stuurt: een kortere looptijd, een lagere doorgroei, een hogere restverdiencapaciteit en een hoger rekenrendement. Elk van die vier knoppen verschuift de uitkomst met tienduizenden euro’s, zonder dat er één woord over uw letsel wordt gezegd. Laat een berekening daarom nooit ongetoetst.
Hulp van naasten: schade, ook zonder factuur
Werk dat u door het letsel niet meer zelf kunt doen, is schade — ook als een familielid of buurvrouw het onbetaald overneemt. Dit is de post die het vaakst wordt vergeten, en die in een dossier over jaren fors kan oplopen.
Het gaat om drie dingen die in de praktijk door elkaar lopen: huishoudelijke hulp (schoonmaken, koken, boodschappen, zorg voor kinderen), persoonlijke verzorging en verpleging, en verlies van zelfwerkzaamheid (klussen, tuinonderhoud, reparaties en onderhoud aan huis en auto die u voorheen zelf deed). Voor alle drie geldt dat er geen rekening hoeft te liggen om ze te kunnen vorderen. De Letselschade Raad hanteert voor deze posten richtlijnen met normbedragen, die in onderhandelingen als vertrekpunt worden gebruikt.
Artikel 6:107 BW is hier de wettelijke kapstok: ook kosten die een ander dan het slachtoffer maakt ten behoeve van het slachtoffer, komen voor vergoeding in aanmerking, voor zover het slachtoffer ze zelf had kunnen vorderen als hij ze had gemaakt. Praktisch advies: houd vanaf de eerste week een schrift bij met wie u wanneer hoeveel uur heeft geholpen en waarmee. Dat schrift is later vaak overtuigender dan welk juridisch betoog ook.
Smartengeld: naar billijkheid, niet naar tabel
Smartengeld is de vergoeding voor het leed zelf en wordt naar billijkheid vastgesteld, op basis van alle omstandigheden van het geval. Er bestaat geen wettelijke tabel. Wel wordt aangesloten bij bedragen die in vergelijkbare zaken zijn toegekend.
Wat meeweegt: de aard en ernst van het letsel, de duur en intensiteit van de pijn en de behandeling, blijvende beperkingen en ontsiering, de gevolgen voor werk, gezin, sport en sociale leven, uw leeftijd, en de aard van de aansprakelijkheid. Bij ernstig letsel is niet het letsel op de foto beslissend, maar wat het met uw dagelijks leven heeft gedaan.
Twee misverstanden. Het eerste: smartengeld zou “de” schadevergoeding zijn — bij blijvend letsel is het juist doorgaans de kleinste post. Het tweede: het bedrag zou vastliggen per letsel. Twee mensen met dezelfde knieblessure kunnen sterk uiteenlopende bedragen krijgen, omdat de een weer volledig aan het werk is en de ander zijn beroep niet meer kan uitoefenen.
Als een naaste overlijdt
Bij overlijden verschuift de claim naar de nabestaanden. Artikel 6:108 BW geeft recht op vergoeding van gederfd levensonderhoud aan wie daarvan afhankelijk was, en op de kosten van lijkbezorging aan degene die ze heeft gedragen. Sinds de Wet affectieschade kent hetzelfde artikel daarnaast een vergoeding van affectieschade toe aan een afgebakende kring van naasten — partner, ouders, kinderen en een enkele andere categorie — voor het verdriet om het overlijden of om ernstig en blijvend letsel.
Daarnaast bestaat shockschade: de eigen psychische schade van iemand die door de directe confrontatie met het ongeval of de gevolgen daarvan zelf in zijn persoon is aangetast. Dat is een zelfstandige vordering met eigen voorwaarden, en niet hetzelfde als affectieschade.
Drie dingen die het eindbedrag nog verschuiven
Eigen schuld. Heeft u zelf ook een fout gemaakt, dan wordt de vergoeding op grond van artikel 6:101 BW verdeeld naar de mate waarin ieders gedrag aan de schade heeft bijgedragen, waarna een billijkheidscorrectie kan volgen. Een deel eigen schuld betekent dus niet dat er niets overblijft. Voor fietsers en voetgangers jonger dan veertien jaar en, in beginsel, voor volwassen ongemotoriseerde verkeersdeelnemers gelden bovendien beschermende regels in het verkeersaansprakelijkheidsrecht.
Wettelijke rente. Over schade die u al heeft geleden loopt wettelijke rente vanaf het moment waarop zij is ontstaan (artikel 6:119 BW). In een dossier dat jaren duurt is dat geen sluitpost maar een zelfstandig bedrag — zorg dus dat de rente per schadepost wordt bijgehouden en meegevorderd.
De kosten van uw eigen advocaat. Staat de aansprakelijkheid vast, dan komen de redelijke kosten van rechtsbijstand op grond van artikel 6:96 lid 2 BW in beginsel voor rekening van de aansprakelijke partij, als zelfstandige schadepost náást uw schade. Ze gaan dus niet van uw vergoeding af. Hoe dat precies werkt, en wat de uitzonderingen zijn, staat op onze pagina over letselschade en wat het u kost.
Waarom het eerste bod zelden het eindbod is
Een verzekeraar die snel een rond bedrag noemt, koopt meestal twee dingen af: de posten die nog niet zijn berekend, en de tijd waarin uw klachten zich nog kunnen ontwikkelen. Een vergoeding wordt in de regel afgesloten met finale kwijting, en daarmee sluit u ook de deur voor schade die pas later blijkt.
Teken daarom niet zolang uw medische eindsituatie niet duidelijk is, laat de toekomstschade doorrekenen voordat u akkoord gaat, en vraag altijd een belastinggarantie. Heeft u geld nodig terwijl de zaak nog loopt, dan is een voorschot de juiste route — niet een snelle eindregeling.
Wat wij voor u doen
Wij brengen uw schade post voor post in kaart, laten waar nodig een rekenkundige en een medisch adviseur meekijken, en voeren de onderhandeling met de verzekeraar. Naast advocaten werken bij ons NIVRE-geregistreerde letselschade-experts, zodat de juridische lijn en de schadeberekening in hetzelfde dossier zitten in plaats van langs elkaar heen te lopen.
Het eerste gesprek is kosteloos en vertrouwelijk. Wij beoordelen of u een zaak heeft en zeggen het eerlijk als dat niet zo is. Zes vestigingen in Nederland; wij spreken ook Turks, Pools en Engels.
Laat uw schade kosteloos beoordelen. Bel 070 450 0300 of stuur uw stukken op. Wij vertellen u vooraf wie in úw zaak welke kosten draagt, en vanaf welk moment.
Verder lezen
Heeft u nog niet vastgesteld wie aansprakelijk is, of gaat de discussie over de vraag of uw klachten van het ongeval komen? Begin dan bij aansprakelijkheid of bij letselschade: heeft u een zaak. Wilt u weten hoe lang een zaak duurt en welke stappen er volgen, lees dan hoe een letselschadetraject eruitziet en hoe lang een letselschadezaak duurt.



