Letsel opgelopen? Dit is belangrijk om te weten.
Een vordering wegens letsel verjaart in beginsel vijf jaar nadat u bekend bent met de schade en de aansprakelijke persoon.
- Was u minderjarig? Dan gaat die termijn pas lopen op uw achttiende verjaardag.
- Bewaar alles: medische stukken, foto’s, het schadeformulier en uw eigen aantekeningen.
- Wij beoordelen kosteloos of u een zaak heeft en zeggen het eerlijk als dat niet zo is.
Bel 070 450 0300WhatsApp onsStuur uw stukken op
Het eerste gesprek is kosteloos en vertrouwelijk. Zes vestigingen in Nederland. Wij spreken ook Turks, Pools en Engels.
De rechtbank Rotterdam oordeelde op 16 september 2026 dat de vennootschappen achter een golfbaan hun voormalige bestuurder niet aansprakelijk kunnen houden voor de milieuschade door staalslakken in een geluidswal. Hem viel geen persoonlijk ernstig verwijt te maken. Daarnaast strandden de vorderingen op een finale kwijting die partijen bij zijn vertrek in 2019 waren overeengekomen.
Geschreven door Onur Arslan, advocaat bij Arslan Advocaten. Ingeschreven in het rechtsgebiedenregister van de Nederlandse orde van advocaten voor arbeidsrecht en letselschade. Laatst bijgewerkt: 29 september 2026. Algemene informatie is geen juridisch advies over uw eigen situatie.
Wat speelde er?
De vennootschappen exploiteren een golfbaan en besloten in 2016 en 2017, toen de gedaagde hun (middellijk) bestuurder was, een geluidswal aan te leggen. Bij de aanleg werden staalslakken gebruikt, een restproduct van de staalproductie. Later bleek dat die staalslakken aanzienlijke milieuschade in de omgeving hadden veroorzaakt. Het bevoegd gezag legde de werkzaamheden stil en legde een last onder dwangsom op, met dwangsommen en herstelkosten tot gevolg.
De vennootschappen spraken hun oud-bestuurder aan op grond van artikel 2:9 BW. Zij verweten hem dat hij een waarschuwende e-mail over de risico’s van staalslakken niet had gedeeld, dat hij toch voor staalslakken had gekozen, dat hij geen CAR-verzekering had afgesloten en dat hij onvoldoende toezicht hield op de aannemer. Subsidiair stelden zij dat hij zich ongerechtvaardigd had verrijkt.
Wat besliste de rechter?
De rechtbank stelde voorop dat een bestuurder alleen tegenover de vennootschap aansprakelijk is als hem persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt. Het handelen wordt beoordeeld naar de maatstaven en kennis van dat moment, zonder wijsheid achteraf.
Het gebruik van staalslakken was destijds toegestaan, mits de voorwaarden uit het productcertificaat werden gevolgd. Dat de bestuurder die optie verdedigde, was daarom op zichzelf geen ernstig verwijt. Het was volgens de rechtbank ook geen solistische keuze. De waarschuwende e-mail had hij niet één op één doorgestuurd, maar hij had het managementteam, de aandeelhoudersvergadering en de raad van commissarissen gedurende maanden herhaaldelijk bij de plannen betrokken. Hij vroeg advies aan twee leden van de golfbaan met ervaring in grondverzet en liet de conceptovereenkomst met de aannemer beoordelen door een externe advocaat, voordat hij tekende.
Ook het ontbreken van een CAR-verzekering leverde geen ernstig verwijt op. De advocaat had niet geadviseerd de betreffende bepaling te wijzigen, en de bestuurder mocht uit ontvangen adviezen begrijpen dat zo’n verzekering niet nodig was. Een nieuw verwijt dat pas op de zitting werd opgeworpen, kwam te laat en was onvoldoende onderbouwd. Over het toezicht hadden de vennootschappen niet concreet gemaakt wat de bestuurder anders had moeten doen. Dat de verontreiniging was ontstaan doordat de aannemer in strijd met de gebruiksinstructie had gehandeld, was tussen partijen niet in geschil.
Daarnaast slaagde een tweede verweer. Bij zijn vertrek in mei 2019 hadden partijen een vaststellingsovereenkomst gesloten met finale kwijting over en weer voor alle onderlinge rechtsverhoudingen. Op dat moment wisten de vennootschappen al dat de aanleg was stilgelegd vanwege mogelijke bodemverontreiniging. Een voorbehoud was niet gemaakt. De vordering wegens ongerechtvaardigde verrijking werd afgewezen omdat geen enkel feit was gesteld waaruit bleek dat de bestuurder geld had ontvangen of achtergehouden.
Wat betekent deze uitspraak voor u?
De uitspraak laat zien hoe hoog de drempel is als een vennootschap haar eigen (oud-)bestuurder aanspreekt. Een beslissing die achteraf verkeerd uitpakt, is niet vanzelf onbehoorlijk bestuur. En een finale kwijting zonder voorbehoud kan een latere claim afsnijden.
Dit is geen vrijbrief voor bestuurders. Het oordeel berust op de stukken in dit dossier. Deze zaak ging bovendien niet over faillissement: hier spraken de vennootschappen zelf hun oud-bestuurder aan. Lees in ons artikel over bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement hoe de rol van de curator werkt en welke andere vorderingen tegen bestuurders er bestaan.
Wat kunt u nu doen?
- Leg als bestuurder grote beslissingen, risico’s en adviezen vast in notulen en memo’s.
- Betrek toezichthouders en aandeelhouders aantoonbaar bij risicovolle keuzes.
- Controleer bij een vertrekregeling wat een finale kwijting precies omvat en of een voorbehoud nodig is.
- Wilt u als vennootschap een oud-bestuurder aanspreken, maak dan per verwijt concreet wat hij anders had moeten doen, gemeten naar de kennis van toen.
- Breng uw verwijten tijdig in de procedure in en laat vooraf beoordelen of een claim kans maakt. Ons team bedrijfsrecht kan dat voor u doen.
Veelgestelde vragen
Wanneer is een bestuurder aansprakelijk tegenover zijn eigen vennootschap?
Volgens artikel 2:9 BW alleen als hem persoonlijk een ernstig verwijt kan worden gemaakt van onbehoorlijke taakvervulling. Daarbij telt de kennis van dat moment, zonder wijsheid achteraf.
Wat is de betekenis van een finale kwijting bij vertrek van een bestuurder?
In deze zaak strandden de vorderingen van de vennootschappen ook op de finale kwijting. Zij wisten bij het sluiten al van de stillegging, maar maakten geen voorbehoud. De rechtbank vond daarom dat de bestuurder erop mocht vertrouwen dat er geen verdere verplichtingen meer bestonden.
Is een bestuurder aansprakelijk als hij een waarschuwing niet doorstuurt?
Niet automatisch. In deze zaak deelde de bestuurder een waarschuwende e-mail niet letterlijk, maar betrok hij de organisatie wel bij de plannen en won hij advies in. Een ernstig verwijt kon de rechtbank niet vaststellen.
Bron: Rechtbank Rotterdam, uitspraak 16 september 2026, gepubliceerd 22 september 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:12183. De uitkomst hangt af van de feiten van deze zaak.



