Keurmerk: grootste sociale advocatenkantoor met 27 advocaten

Kies een vestiging

Snel hulp nodig?

Geschil over een geldlening: geld terugvragen of terugbetaling betwisten

Bij een geschil over een geldlening gaat het bijna nooit om de vraag of er geld is overgemaakt. Dat staat meestal vast. Het gaat om drie andere vragen: was het een lening of een schenking, was terugbetaling al opeisbaar, en kunt u dat bewijzen. Wij behandelen die geschillen van beide kanten — voor wie geld terugvraagt én voor wie wordt aangesproken op terugbetaling.

Waar staat u in dit geschil?

  • U heeft geld uitgeleend en krijgt het niet terug. Dan is de eerste vraag wat u kunt bewijzen en of de vordering al opeisbaar is. Ga verder bij u heeft geld uitgeleend.
  • U wordt aangesproken op terugbetaling. Dan is de vraag of de vordering klopt, of er is afgelost, en of zij niet is verjaard. Ga verder bij u wordt aangesproken.
  • Het gaat om een bank of kredietverstrekker. Dat is een ander speelveld, met eigen zorgplichten en de route naar het Kifid. Lees geschil met bank of kredietverstrekker.

U heeft geld uitgeleend en krijgt het niet terug

Een geldlening hoeft niet op papier te staan. Ook een mondelinge afspraak is een overeenkomst; de kern is dat een overeenkomstig bedrag wordt terugbetaald (artikel 7:129 BW). Het probleem is meestal het bewijs: wie zich op terugbetaling beroept, draagt daarvan de bewijslast (artikel 150 Rv). Bankafschriften, appberichten, e-mails en getuigen kunnen samen het beeld dragen.

Is er geen terugbetaaldatum afgesproken, dan ontstaat de verplichting niet vanzelf. Artikel 7:129e BW geeft de lener zes weken de tijd nadat u heeft meegedeeld tot opeising over te gaan — tenzij uit de overeenkomst een ander moment volgt. Die mededeling is dus vaak de eerste echte stap, en zij bepaalt ook waar de verjaringstermijn begint te lopen.

U wordt aangesproken op terugbetaling

Een sommatie is geen vaststaand feit. Controleer eerst wat er precies wordt gevorderd: welke hoofdsom, welke aflossingen zijn verwerkt, welke rente wordt gerekend en op welke grond. Bij een lening tussen twee particulieren die niet beroeps- of bedrijfsmatig handelen, is contractuele rente alleen verschuldigd als die schriftelijk is bedongen (artikel 7:129c lid 1 BW). Een achteraf gekozen percentage kan daar niet zomaar bij.

Daarnaast speelt verjaring. Een vordering uit overeenkomst verjaart in beginsel vijf jaar na de dag waarop zij opeisbaar werd (artikel 3:307 lid 1 BW); bij een lening zonder einddatum gelden de bijzondere regels van lid 2. Een beroep op verjaring moet u zelf doen — de rechter past het niet uit eigen beweging toe.

Leningen binnen een relatie of familie

Juist hier ontbreekt papier het vaakst, en juist hier lopen de verhalen het verst uiteen. Was het een lening, een schenking of een bijdrage aan de gezamenlijke huishouding? Voor echtgenoten kent artikel 1:87 BW een vergoedingsrecht, maar de Hoge Raad heeft duidelijk gemaakt dat die regeling niet zonder meer geldt voor informeel samenwonenden (HR 10 mei 2019, ECLI:NL:HR:2019:707). Dan zijn de gemaakte afspraken en het algemene verbintenissenrecht het aanknopingspunt, en soms ongerechtvaardigde verrijking (artikel 6:212 BW).

Hoe wij een leningdossier aanpakken

  1. Kwalificeren. Wat is er precies afgesproken, tussen wie, en in welke hoedanigheid? Lening, schenking, kostenafspraak of investering — daar hangt alles aan op.
  2. Tijdlijn maken. Verstrekkingen, aflossingen, correspondentie, opeising. Zo wordt zichtbaar wanneer de vordering opeisbaar werd en welke termijn loopt.
  3. Bewijs ordenen. Welk stuk draagt welke stelling? Eén totaalbedrag zonder onderbouwing is in een procedure zelden genoeg.
  4. Stuiten of sommeren. Dreigt een verjaringstermijn af te lopen, dan gaat een ondubbelzinnige stuitingsmededeling vóór alles (artikel 3:317 BW).
  5. Kiezen. Schikken, incasseren of procederen — met een reële inschatting van bewijspositie, verhaalsmogelijkheden en kosten.

Wat het kost

Komt u in aanmerking voor gesubsidieerde rechtsbijstand, dan betaalt u in de praktijk nagenoeg niets. De Raad voor Rechtsbijstand vergoedt dan het grootste deel en u betaalt alleen de eigen bijdrage die op basis van uw inkomen en vermogen wordt vastgesteld; bij een procedure geldt bovendien een verlaagd griffierecht. Wij toetsen bij de eerste beoordeling of dat in uw zaak kan.

Komt u er niet voor in aanmerking, dan werken wij tegen een gereduceerd tarief of tegen een vaste prijs voor een afgebakend traject. De hoogte hangt af van uw persoonlijke situatie en van de casus: de omvang van de vordering, of de feiten vaststaan of worden betwist, en of het bij een sommatie blijft of er een procedure volgt. U hoort het bedrag voordat wij beginnen.

Veelgestelde vragen

Kan ik geld terugvragen zonder schriftelijke leningsovereenkomst?

Ja. Een geldlening kan ook mondeling tot stand komen. U moet het bestaan van de afspraak wel kunnen bewijzen, en die bewijslast ligt bij u (artikel 150 Rv). Een overboeking met omschrijving, appberichten over aflossing, een gedeeltelijke terugbetaling of een getuige die bij de afspraak aanwezig was, kunnen samen voldoende zijn. Een enkele overboeking zonder context is doorgaans te weinig, omdat daaruit niet blijkt of het een lening of een schenking was.

Wanneer moet de lener terugbetalen als wij geen datum hebben afgesproken?

Dan geldt artikel 7:129e BW: terugbetaling moet plaatsvinden binnen zes weken nadat u heeft meegedeeld tot opeising over te gaan, tenzij uit de overeenkomst een ander tijdstip volgt. Die mededeling doet u dus het beste schriftelijk en aantoonbaar. Is afgesproken dat wordt terugbetaald “zodra hij dat kan”, dan kan de rechter het moment van opeisbaarheid nader bepalen (artikel 7:129f BW).

Is mijn vordering na vijf jaar verjaard?

Niet automatisch. De termijn van vijf jaar loopt vanaf de dag na opeisbaarheid, niet vanaf de overboeking (artikel 3:307 lid 1 BW). Bij een lening zonder terugbetaaldatum geldt een eigen regeling met daarnaast een termijn van twintig jaar (lid 2). Bovendien kan de termijn zijn gestuit door een schriftelijke aanmaning of door erkenning, bijvoorbeeld een deelbetaling (artikelen 3:317 en 3:318 BW). Laat de tijdlijn beoordelen voordat u aanneemt dat het te laat is.

Mijn ex zegt dat het een cadeau was. Wie moet wat bewijzen?

U stelt dat er een terugbetalingsverplichting is, dus u draagt in beginsel de bewijslast daarvan. Beroept uw ex zich vervolgens op een schenking, dan moet die stelling ook worden onderbouwd. In de praktijk beslist het feitelijke beeld: de omvang van het bedrag, wat er rond de betaling is gezegd, of er is afgelost en of het bedrag past bij wat partners gewoonlijk aan elkaar geven.

Kan ik als borg worden aangesproken voor de lening van een ander?

Dat kan, maar er gelden beschermende regels. De borg is pas gehouden nadat de hoofdschuldenaar tekortschiet (artikel 7:855 BW). Bij een particuliere borgtocht moet een maximumbedrag zijn overeengekomen als de hoofdsom bij het aangaan nog niet vaststond (artikel 7:858 BW), en wordt de borgtocht tegenover de borg in beginsel bewezen door een door hem ondertekend geschrift (artikel 7:859 BW). Ook kan toestemming van een echtgenoot vereist zijn geweest (artikel 1:88 BW).

Heeft procederen zin als de ander geen geld heeft?

Dat is een afweging vooraf, geen bijzaak. Een vonnis is pas iets waard als er verhaal mogelijk is: loon, een bankrekening, een auto, een woning of een onderneming. Soms is een betalingsregeling met erkenning van de schuld meer waard dan een onverhaalbaar vonnis — en zo’n erkenning stuit meteen de verjaring. Wij brengen dat in kaart voordat u kosten maakt.

Laat uw dossier beoordelen

Stuur ons uw stukken via arslan.nl/contact. De eerste beoordeling is kosteloos: u hoort of uw zaak kans maakt, welke route past en wat die route bij u zou kosten. Loopt er een termijn of een zittingsdatum, meld dat er dan direct bij. Wij hebben vestigingen in Den Haag, Rotterdam, Amsterdam, Utrecht, Tilburg en Eindhoven en helpen u ook in het Turks, Pools en Engels.

Geschreven door Onur Arslan, advocaat bij Arslan Advocaten en binnen het kantoor verantwoordelijk voor de financiële praktijk: kredietregistraties, geldleningen en geschillen met financiers. Ingeschreven in het rechtsgebiedenregister van de Nederlandse orde van advocaten voor arbeidsrecht en letselschade. Inhoudelijk gecontroleerd op 13 september 2026 aan de hand van de wettekst op wetten.overheid.nl, het Algemeen Reglement CKI (juli 2024) en de aangehaalde uitspraken op rechtspraak.nl.