Letsel opgelopen? Dit is belangrijk om te weten.
Een vordering wegens letsel verjaart in beginsel vijf jaar nadat u bekend bent met de schade en de aansprakelijke persoon.
- Was u minderjarig? Dan gaat die termijn pas lopen op uw achttiende verjaardag.
- Bewaar alles: medische stukken, foto’s, het schadeformulier en uw eigen aantekeningen.
- Wij beoordelen kosteloos of u een zaak heeft en zeggen het eerlijk als dat niet zo is.
Bel 070 450 0300WhatsApp onsStuur uw stukken op
Het eerste gesprek is kosteloos en vertrouwelijk. Zes vestigingen in Nederland. Wij spreken ook Turks, Pools en Engels.
Twijfelt u of u hulp nodig heeft?
Bij letsel door een ongeval is de belangrijkste vraag niet of uw zaak “ernstig genoeg” is, maar of er termijnen lopen en of uw schade volledig in beeld is. Een korte beoordeling kost u niets en voorkomt dat u te vroeg tekent.
- Wij beoordelen de grondslag: aansprakelijkheid, een eigen verzekering of het Waarborgfonds.
- Wij bewaken de verjaringstermijnen en stuiten die tijdig.
- Wij spreken vooraf af welke kosten verhaalbaar zijn en wat er gebeurt als dat niet lukt.
Bel 070 450 0300Laat uw zaak beoordelen
Het eerste gesprek is kosteloos en vertrouwelijk. Zes vestigingen in Nederland. Wij spreken ook Turks, Pools en Engels.
Heeft u letsel opgelopen door een ongeval en twijfelt u of u een letselschadeadvocaat moet inschakelen? Veel slachtoffers wachten lang, terwijl juist tijdig advies het verschil maakt. Hieronder leest u wanneer het verstandig is om hulp in te schakelen, wat zo’n advocaat doet, wat het kost en welke termijnen er lopen.
Geschreven door Onur Arslan, advocaat bij Arslan Advocaten. Ingeschreven in het rechtsgebiedenregister van de Nederlandse orde van advocaten voor arbeidsrecht en letselschade. Laatst bijgewerkt: 17 september 2026.
Let eerst op de termijn
Dit is het punt waar de meeste misverstanden zitten – ook in artikelen die “vijf jaar na het ongeval” noemen. Dat klopt niet als vuistregel.
| Welke vordering | Termijn | Vanaf wanneer |
|---|---|---|
| Op de aansprakelijke partij (art. 3:310 BW) | Vijf jaar, met een lange termijn van twintig jaar na de gebeurtenis. | Niet vanaf het ongeval, maar vanaf de dag na die waarop u bekend bent geworden met zowel de schade als de daarvoor aansprakelijke persoon. Bij letsel dat zich later openbaart, of bij een lang onbekende veroorzaker, kan die dag dus veel later liggen dan de ongevalsdatum. |
| Op uw eigen verzekeraar (art. 7:942 BW) | Drie jaar. | Vanaf de dag na die waarop u bekend werd met de opeisbaarheid van de uitkering. Wijst de verzekeraar de aanspraak daarna ondubbelzinnig af, dan begint een nieuwe termijn van drie jaar. |
| Op het Waarborgfonds | Eigen aanvraagtermijn plus korte actietermijnen. | Is het voertuig gezien maar het kenteken onbekend gebleven: aangifte binnen 48 uur. In andere gevallen: maximaal veertien dagen om actie te ondernemen. |
Stuiting. Een verjaring loopt niet vanzelf door: u kunt haar stuiten met een schriftelijke aanmaning of met een ondubbelzinnige schriftelijke mededeling dat u zich het recht op nakoming voorbehoudt (art. 3:317 BW). Na een geldige stuiting begint een nieuwe termijn. Doe dat dus aantoonbaar en op tijd; een telefoontje is geen stuiting.
Wanneer schakelt u niet af?
1. Bij ernstig of blijvend letsel
Denk aan botbreuken, hersenletsel, rug- of nekletsel of psychische klachten zoals PTSS. Hoe ernstiger het letsel, hoe groter de toekomstschade: inkomensverlies, zorgkosten en pensioenverlies. Juist die posten worden zonder begeleiding structureel onderschat.
2. Als de aansprakelijkheid wordt betwist
Hoort u “u bent deels zelf schuldig”, “er is onvoldoende bewijs” of “wij erkennen geen aansprakelijkheid”, vraag dan altijd om een schriftelijke, gemotiveerde reactie. Betwisting is het moment waarop de bewijspositie wordt bepaald.
3. Bij een arbeidsongeval
Op de werkgever rust een vergaande zorgplicht (art. 7:658 BW): hij is aansprakelijk tenzij hij aantoont dat hij die zorgplicht is nagekomen, of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer. Die omkering werkt in uw voordeel, maar u moet wel stellen en aannemelijk maken dat u schade heeft geleden in de uitoefening van de werkzaamheden. Lid 4 beschermt ook uitzendkrachten en, onder voorwaarden, zzp’ers.
4. Bij een verkeersongeval – ook als u geen auto had
Als voetganger of fietser aangereden door een motorrijtuig geniet u de bescherming van artikel 185 WVW: ten minste 50% vanaf 14 jaar (behoudens overmacht) en in beginsel 100% voor kinderen onder 14 (behoudens opzet of aan opzet grenzende roekeloosheid). Ook als passagier staat u sterk; bij een schuldvraagdiscussie tussen verzekeraars wijst Bedrijfsregeling 7 een regelende verzekeraar aan, zodat u niet hoeft te wachten.
5. Bij een eenzijdig ongeval – maar kijk eerst naar de route
Hier past een belangrijke correctie: het ongeval alleen geeft geen aanspraak. Zonder aansprakelijke ander of een dekkende verzekering is er niets te verhalen. Bij een eenzijdig ongeval zijn dit de mogelijke routes:
- Uw eigen schadeverzekering inzittenden (SVI): veel polissen keren juist ook uit bij eigen schuld of zonder tegenpartij. Wat gedekt is, staat op uw polisblad en in de voorwaarden.
- Aansprakelijkheid van de wegbeheerder (art. 6:174 BW) bij een gebrek aan de weg. Let op: een gebrek leidt niet automatisch tot aansprakelijkheid; het gaat om de eisen die aan de weg mochten worden gesteld, de kenbaarheid van het gebrek en de reele mogelijkheid tot maatregelen.
- Aansprakelijkheid van een derde: een gebrekkig product (art. 6:185 e.v. BW), een ondeugdelijke reparatie of het gedrag van een andere weggebruiker die zelf geen schade opliep.
- Uw werkgever, als het ongeval tijdens zakelijk verkeer plaatsvond: dan kan artikel 7:611 BW een verzekeringsplicht meebrengen.
- Een ongevallen- of arbeidsongeschiktheidsverzekering, die los van aansprakelijkheid uitkeert.
6. Als de verzekeraar aandringt op snel afwikkelen
Een snelle regeling is aantrekkelijk maar riskant zolang uw medische situatie nog niet stabiel is. Een vaststellingsovereenkomst met finale kwijting is in beginsel definitief. Vraag in plaats daarvan om voorschotten op de reeds vaststaande schade.
Kunt u het ook zelf regelen?
Ja, dat kan. U bent niet verplicht een advocaat of belangenbehartiger in te schakelen, en bij een overzichtelijke zaak – beperkt letsel, korte herstelperiode, erkende aansprakelijkheid en goed te onderbouwen kosten – regelen mensen hun schade geregeld zelf met de verzekeraar. Houd dan wel de verjaringstermijnen bij, vraag alles schriftelijk en teken niet voor finale kwijting zolang uw klachten nog wisselen.
Begeleiding wordt vooral verstandig zodra er blijvende beperkingen, inkomensverlies of discussie over de aansprakelijkheid in het spel is, of zodra er over toekomstschade moet worden gerekend. Dan gaat het om bedragen en aannames die zich niet makkelijk laten controleren.
Wat kost het? Geen misverstand, maar een voorwaarde
De stelling “een advocaat kost geld” is geen misverstand: het kost geld, de vraag is alleen wie het betaalt. De regel staat in artikel 6:96 lid 2 BW: redelijke kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid en ter verkrijging van voldoening buiten rechte komen voor vergoeding in aanmerking. Daaraan zitten harde voorwaarden:
- er moet aansprakelijkheid vaststaan of worden erkend. Wordt aansprakelijkheid afgewezen en blijft die afwijzing in stand, dan is er niets te verhalen;
- de kosten moeten de dubbele redelijkheidstoets doorstaan: het moest redelijk zijn kosten te maken, en de omvang moet redelijk zijn. Verzekeraars betwisten regelmatig uren of tarief;
- proceskosten in een gerechtelijke procedure vormen een afzonderlijk risico met een eigen maatstaf (het liquidatietarief);
- de opdrachtvoorwaarden bepalen de rest: wij leggen vooraf schriftelijk vast welk tarief geldt, welke kosten wij op de wederpartij verhalen en wat er gebeurt als de aansprakelijkheid niet wordt erkend.
Voor bepaalde zaken kan daarnaast gefinancierde rechtsbijstand of een rechtsbijstandverzekering in beeld komen. Ook dat bespreken wij vooraf.
Wat doet een letselschadeadvocaat?
- brengt de grondslag in kaart: aansprakelijkheid, eigen verzekering of het Waarborgfonds;
- stelt aansprakelijk en bewaakt en stuit de verjaringstermijnen;
- inventariseert en begroot alle schadeposten, nu en in de toekomst;
- vraagt voorschotten aan zodat u niet zelf hoeft voor te financieren;
- schakelt waar nodig medische en rekenkundige deskundigen in;
- onderhandelt met de verzekeraar en beoordeelt een voorstel voordat u tekent.
Waar u zelf mee kunt beginnen
- Verzamel bewijs: foto’s, het schadeformulier, getuigengegevens, medische stukken en betalingsbewijzen.
- Houd een overzicht bij van kosten, gemiste uren en hulp van familie, per week.
- Houd een klachtendagboek bij: wat lukt niet, en hoelang.
- Wees volledig tegenover uw advocaat, ook over eerdere klachten of een eigen aandeel. Dat voorkomt verrassingen.
Conclusie
Laat uw situatie beoordelen bij letsel door een ongeval, bij discussie over de aansprakelijkheid, zodra een verzekeraar contact opneemt en zeker bij druk om snel te tekenen. Zelf regelen mag en kan bij een overzichtelijke zaak, maar houd dan de termijnen scherp: vijf jaar vanaf bekendheid met schade en aansprakelijke persoon, drie jaar voor een eigen verzekeringsuitkering, en dagen bij het Waarborgfonds. Liever te vroeg dan te laat.
Lees ook
- Het tienstappenplan bij letselschade
- Hoe wordt letselschade berekend?
- Hoelang duurt een letselschadezaak?
- Schuldloze inzittende bij een verkeersongeval
Veelgestelde vragen
Binnen welke termijn moet ik mijn letselschade claimen?
Een vordering op de aansprakelijke partij verjaart vijf jaar na de dag volgend op die waarop u bekend bent geworden met zowel de schade als de aansprakelijke persoon – dus niet zonder meer vijf jaar na het ongeval. Daarnaast geldt een lange termijn van twintig jaar na de gebeurtenis. Voor een uitkering onder uw eigen verzekering geldt drie jaar (art. 7:942 BW). Beide termijnen kunt u schriftelijk stuiten.
Kan ik mijn schade ook zelf regelen, zonder advocaat?
Ja. Bij een overzichtelijke zaak met erkende aansprakelijkheid, beperkt letsel en goed te onderbouwen kosten doen mensen dat regelmatig zelf. Houd dan de verjaringstermijnen bij, vraag alles schriftelijk en teken niet voor finale kwijting zolang uw klachten wisselen. Bij blijvende beperkingen, inkomensverlies of discussie over aansprakelijkheid is begeleiding verstandig.
Is een letselschadeadvocaat gratis?
Nee, maar de kosten kunnen verhaalbaar zijn. Redelijke buitengerechtelijke kosten komen op grond van artikel 6:96 lid 2 BW voor vergoeding in aanmerking, mits de aansprakelijkheid vaststaat en de kosten de dubbele redelijkheidstoets doorstaan. Proceskosten vormen een apart risico. Wij leggen de opdrachtvoorwaarden vooraf schriftelijk vast.
Ik had een eenzijdig ongeval. Heb ik recht op vergoeding?
Niet op grond van het ongeval zelf: zonder aansprakelijke ander of dekkende verzekering is er niets te verhalen. Mogelijke routes zijn uw eigen schadeverzekering inzittenden, aansprakelijkheid van de wegbeheerder bij een gebrek aan de weg, een gebrekkig product, of – bij zakelijk verkeer – de verzekeringsplicht van uw werkgever op grond van artikel 7:611 BW.
De veroorzaker is onbekend of onverzekerd. Kan het Waarborgfonds helpen?
Mogelijk wel, maar er gelden voorwaarden. Het fonds vergoedt schade veroorzaakt door een motorrijtuig, niet iedere schade. Is het voertuig gezien maar het kenteken onbekend gebleven, dan wordt aangifte binnen 48 uur verlangd; in andere gevallen heeft u maximaal veertien dagen om actie te ondernemen. Bij zaakschade geldt een eigen risico.
Wanneer is het juiste moment om hulp in te schakelen?
Bij voorkeur kort na het ongeval, zodra er letsel is of zodra een verzekeraar contact opneemt. Vroeg beginnen voorkomt bewijsverlies, verkeerde verklaringen en gemiste schadeposten, en maakt het mogelijk om voorschotten te vragen.



