Een afgewezen deelgeschil betekent niet altijd dat de werkgever niet aansprakelijk is. De rechtbank Gelderland wees op 14 augustus 2026 een verzoek na een ongeval tijdens een verplichte veiligheidstraining af omdat belangrijke feiten onvoldoende vaststonden. Voor de beoordeling van de zorgplicht was nadere bewijslevering nodig. De procedurele route schoot daarmee tekort; de aansprakelijkheidsvraag was niet definitief in het nadeel van het slachtoffer beslist.
Bij een ongeval tijdens een training zijn de feiten vaak minder goed vastgelegd dan bij een incident op een vaste werkplek. Wie gaf de instructie, wat hoorde bij de oefening en welke risico’s kende de organisator? Als partijen daarover wezenlijk van mening verschillen, kan de keuze van de procedure bepalend worden.
Bespreking door Onur Arslan, advocaat bij Arslan Advocaten. De uitspraak wordt niet als eigen kantoorzaak gepresenteerd.
Wat gebeurde er tijdens de training?
De werknemer liep letsel op tijdens een verplichte training waarin een gevaarlijke situatie werd nagebootst. In het geschil speelden de toestand van het terrein, de uitvoering van de oefening en de gegeven instructies een rol. De werknemer vroeg in een deelgeschil om een beslissing over aansprakelijkheid.
De rechtbank vond dat voor een verantwoorde beoordeling nader bewijs nodig was. Niet voldoende stond vast welke instructies precies waren gegeven en hoe de relevante situatie op het terrein moest worden beoordeeld. De rechter wees het verzoek daarom af op grond van artikel 1019z Rv.
De bron is ECLI:NL:RBGEL:2026:6740, rechtbank Gelderland, uitspraak 14 augustus 2026 en publicatie 3 september 2026. De kern van dit artikel is het onderscheid tussen een procedurele afwijzing en een inhoudelijk oordeel dat geen zorgplicht is geschonden.
Waarom kan een verplichte training onder de verantwoordelijkheid van de werkgever vallen?
De zorg voor veilige arbeidsomstandigheden houdt niet noodzakelijk op bij de deur van de gebruikelijke werkplek. Wanneer een werknemer in verband met het werk een training moet volgen, kan de werkgever verantwoordelijkheden hebben rond de organisatie, voorbereiding en veiligheid. Welke aansprakelijkheidsgrond precies past, hangt af van de omstandigheden.
Dat de training door een externe organisatie wordt verzorgd, beantwoordt de vraag niet volledig. Er moet worden onderzocht welke partij de activiteit organiseerde, welke instructies werden gegeven, wie toezicht hield en welke invloed de werkgever of organisator had op de risico’s.
Voor de werknemer is het daarom verstandig niet alleen de externe trainer te noemen, maar ook de opdracht van de werkgever, het verplichte karakter en het doel van de training vast te leggen. Onze gids werkgever aansprakelijk stellen na een bedrijfsongeval bespreekt de algemene uitgangspunten.
Wat moet vaststaan voordat de zorgplicht kan worden beoordeeld?
Bij werkgeversaansprakelijkheid is het uitgangspunt van artikel 7:658 BW belangrijk: de werknemer moet voldoende stellen en zo nodig bewijzen dat hij schade heeft geleden in de uitoefening van zijn werkzaamheden. De werkgever kan vervolgens onder de wettelijke voorwaarden aantonen dat hij aan zijn zorgplicht heeft voldaan of dat een wettelijke uitzondering geldt.
Die verdeling betekent niet dat iedere feitelijke onzekerheid automatisch voor rekening van het slachtoffer komt. Zij betekent ook niet dat de rechter zonder onderzoek kan aannemen welke oefening is uitgevoerd of welke instructie is gegeven. Voor een zorgvuldige toepassing van de bewijslastregels moet duidelijk zijn welk feit door wie wordt betwist en waarom het ertoe doet.
In de besproken zaak was nadere bewijslevering nodig voor de beoordeling. Het is daarom te eenvoudig om de afwijzing samen te vatten als ‘werknemer had geen bewijs en verloor’. De juiste vervolgvraag is welke feiten nog moeten worden opgehelderd en via welke route dat het beste kan.
Waarom was een deelgeschil hier niet geschikt?
Een deelgeschil is bedoeld om een afgebakend geschilpunt op te lossen dat de buitengerechtelijke afwikkeling van letsel- of overlijdensschade blokkeert. De rechter beoordeelt of de gevraagde beslissing voldoende kan bijdragen aan een minnelijke regeling, gelet op de benodigde investering in tijd, kosten en onderzoek.
Een beperkte bewijsdiscussie maakt een deelgeschil niet automatisch onmogelijk. Maar wanneer uitgebreid onderzoek nodig is naar de kern van de toedracht of de veiligheidsorganisatie, kan de procedure niet doelmatig zijn. Dan kan eerst een andere bewijsroute of een gewone procedure nodig zijn.
De rechtbank wees in deze zaak het verzoek op die procedurele grond af. Dat onderscheid is ook van belang in de communicatie met de verzekeraar. Een partij kan niet zonder meer uit deze afwijzing afleiden dat de werkgever inhoudelijk is vrijgepleit. Meer over de voorwaarden staat in deelgeschil bij letselschade.
Welk bewijs is bij een training bijzonder belangrijk?
- De uitnodiging, opdracht en informatie waaruit het werkgerelateerde of verplichte karakter blijkt.
- Het trainingsprogramma, draaiboek en de instructies voor de specifieke oefening.
- Foto’s of beelden van het terrein en de situatie ten tijde van het ongeval.
- Gegevens van deelnemers, trainers en andere personen die het incident of de instructies hebben waargenomen.
- Het ongevalsrapport, evaluaties, eerste medische vastlegging en correspondentie met werkgever en organisator.
Vraag tijdig om behoud van relevante beelden en registraties. Een terrein kan worden aangepast en digitale gegevens worden niet onbeperkt bewaard. Vermeld concreet welke oefening, datum en tijd relevant zijn, zodat een bewaarverzoek gericht kan worden uitgevoerd.
Bij getuigen is vooral belangrijk wat zij zelf zagen of hoorden. Laat een deelnemer niet alleen schrijven dat de training ‘onveilig’ was, maar bijvoorbeeld welke instructie werd gegeven, hoe het terrein eruitzag en wat er vervolgens gebeurde. Voor situaties met weinig ooggetuigen verwijzen wij naar bedrijfsongeval zonder getuigen.
Een bruikbaar eerste bericht aan de werkgever
Een eerste melding hoeft geen volledig juridisch betoog te bevatten. Zij moet vooral de gebeurtenis en het verzoek om onderzoek duidelijk vastleggen. Gebruik alleen gegevens die u zelf kunt bevestigen.
Op [datum] heb ik tijdens de door u opgedragen training bij [organisator] letsel opgelopen tijdens [oefening]. Ik verzoek u het ongeval te registreren en het programma, de veiligheidsinstructies, evaluaties en eventuele beelden te bewaren. Graag ontvang ik een bevestiging en informatie over wie de aansprakelijkheidsmelding behandelt. Over de verdere gevolgen en aansprakelijkheid behoud ik mijn rechten voor.
Dit is een voorbeeld voor de eerste melding, geen garantie dat daarmee iedere juridische termijn of stuiting goed is geregeld. Een formele aansprakelijkstelling en verjaringsbewaking moeten op de concrete zaak worden afgestemd.
Wat kan de vervolgstap na de afwijzing zijn?
Lees eerst welke feiten de rechtbank onvoldoende duidelijk vond. Mogelijke vervolgstappen zijn het opvragen van stukken, het horen van getuigen, een deskundige beoordeling of het voeren van een procedure waarin de nodige bewijslevering wel kan plaatsvinden. De keuze moet voortbouwen op de motivering van de beslissing.
Vraag niet automatisch hetzelfde deelgeschil opnieuw aan zonder dat het bewijsprobleem is opgelost. Dat kan onnodige kosten veroorzaken. Laat ook beoordelen welke beslissingen al bindend zijn en welke vragen openstaan. Een procedurele afwijzing betekent niet dat iedere denkbare vervolgstap zonder beperkingen beschikbaar is.
Blijf ondertussen de schade vastleggen. Loon tijdens ziekte, uitkeringen en een letselschadevergoeding hebben verschillende functies. In arbeidsongeschikt na een bedrijfsongeval worden die onderwerpen uit elkaar gehouden.
Kostenbegroting is niet hetzelfde als betaling door de werkgever
Bij een deelgeschil kan de rechter de redelijke kosten begroten, ook wanneer het verzoek wordt afgewezen. Of de wederpartij die kosten moet betalen, is een afzonderlijke vraag die onder meer samenhangt met de aansprakelijkheid en de beslissing. Alleen een begroot bedrag in het dictum bewijst daarom niet dat de werkgever tot betaling is veroordeeld.
Bespreek vóór een procedure welke kosten kunnen ontstaan, welke dekking bestaat en wat er gebeurt wanneer aansprakelijkheid nog niet vaststaat. Lees ook kosten van een advocaat na een bedrijfsongeval. Een automatische toezegging dat de wederpartij altijd alles betaalt, past niet bij een nog betwist dossier.
Veelgestelde vragen
Ben ik mijn claim kwijt omdat het deelgeschil is afgewezen?
Niet noodzakelijk. In deze zaak was nader bewijs nodig en paste het geschil daarom niet in de gekozen procedure. Lees de precieze motivering voordat u conclusies trekt over aansprakelijkheid of vervolgstappen.
Kan de werkgever verwijzen naar de externe trainer?
De betrokkenheid van een externe trainer moet worden onderzocht, maar neemt de mogelijke verantwoordelijkheid van de werkgever niet automatisch weg. De opdracht, organisatie en veiligheidsverplichtingen zijn relevant.
Moet ik zelf bewijzen welke veiligheidsmaatregel ontbrak?
De wettelijke bewijslastverdeling bij werkgeversaansprakelijkheid vraagt een afzonderlijke beoordeling. Leg eerst vast dat en hoe het letsel tijdens het werk ontstond. Vervolgens moet worden bepaald welke partij welke feiten over de zorgplicht moet onderbouwen.
Is onoplettendheid van een werknemer altijd eigen schuld?
Bij artikel 7:658 BW geldt niet simpelweg dezelfde eigen-schuldverdeling als bij iedere andere schadezaak. De wettelijke uitzondering voor opzet of bewuste roekeloosheid moet zorgvuldig worden onderscheiden van gewone onoplettendheid.
Van afwijzing naar een gericht bewijsplan
Heeft u letsel opgelopen tijdens een verplichte training of oefening? Het team bedrijfsongevallen kan onderzoeken welke feiten ontbreken en welke route passend is. Leg via Arslan Advocaten het programma, de ongevalsmelding en eventuele rechterlijke beslissing voor. Een gericht bewijsplan voorkomt dat dezelfde onzekerheid in de volgende procedure terugkomt.
Bron: rechtbank Gelderland, 14 augustus 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:6740, onder meer r.o. 4.7–4.12. Procedurele afwijzing op grond van artikel 1019z Rv.



