Account geblokkeerd door een platform en geen idee waarom?
De Wet platformwerk is op 27 september 2026 nog een conceptvoorstel en geen geldend recht. Je kunt nu al wel inzage en uitleg eisen onder de AVG en laten toetsen of je volgens de huidige regels werknemer bent.
- Wij toetsen je arbeidsrelatie aan artikel 7:610 BW en de rechtspraak van de Hoge Raad.
- Wij vragen de gegevens en de uitleg over de blokkade schriftelijk bij het platform op.
- Wij bewaken de vervaltermijn van twee maanden als de blokkade neerkomt op ontslag.
Bel 070 450 0300Laat je accountblokkade beoordelen
Het eerste gesprek is kosteloos en vertrouwelijk. Zes vestigingen in Nederland. Wij spreken ook Turks, Pools en Engels.
Alle flexrechten op een rij. Oproepwerk, uitzendwerk, zzp en platformwerk, payroll en de termijnen die daarbij horen vind je in de routekaart arbeidsrecht voor flexwerkers.
Peildatum 27 september 2026
De Wet platformwerk is een conceptwetsvoorstel dat de Europese platformrichtlijn (Richtlijn (EU) 2024/2831) moet omzetten. Het geeft bezorgers, chauffeurs en andere platformwerkenden een rechtsvermoeden van werknemerschap als ze aantonen dat aan twee van vijf criteria is voldaan, en schrijft voor dat alleen een mens mag beslissen over het schorsen of beëindigen van een account. De consultatie sloot op 24 augustus 2026; op de peildatum is ons geen ingediend wetsvoorstel bekend. Tot de wet geldt, beoordeelt de rechter je positie volgens artikel 7:610 BW en kun je de AVG gebruiken om uitleg over een blokkade te eisen.
Geschreven door Onur Arslan, advocaat bij Arslan Advocaten. Ingeschreven in het rechtsgebiedenregister van de Nederlandse orde van advocaten voor arbeidsrecht en letselschade. Laatst bijgewerkt: 27 september 2026.
Status van de wet platformwerk op 27 september 2026
Statusblok. Dit artikel beschrijft een voorstel, geen geldende wet. Dit is de stand op de peildatum:
- EU-richtlijn: Richtlijn (EU) 2024/2831 van 23 oktober 2024 betreffende de verbetering van de arbeidsvoorwaarden bij platformwerk, bekendgemaakt op 11 november 2024. Lidstaten moeten de richtlijn uiterlijk op 2 december 2026 hebben omgezet (artikel 29 van de richtlijn op EUR-Lex).
- Nederlands concept: het kabinet publiceerde op 29 juni 2026 het conceptvoorstel Wet platformwerk voor internetconsultatie. Reageren kon tot en met 24 augustus 2026. De consultatie is gesloten.
- Parlement: op de peildatum is ons geen ingediend wetsvoorstel bij de Tweede Kamer bekend. Advies van de Raad van State en behandeling in beide Kamers moeten nog volgen.
- Inwerkingtreding: nog niet bepaald. Het concept laat de datum over aan een koninklijk besluit. De memorie van toelichting zegt zelf dat 2 december 2026 niet meer haalbaar is.
De inhoud kan nog veranderen. De vijf criteria staan bovendien niet in de wettekst zelf, maar moeten in een algemene maatregel van bestuur komen. Controleer bij twijfel de actuele status.
Voor wie is dit relevant, en voor wie niet
Het voorstel gaat over werk dat via een digitaal arbeidsplatform wordt georganiseerd. Volgens artikel 1 van het concept is dat een dienst via website of app, op verzoek van een afnemer, die betaald werk organiseert met geautomatiseerde monitorings- of besluitvormingssystemen. Denk aan maaltijdbezorging, taxiritten via een app of schoonmaak via een platform.
Niet bedoeld zijn platforms die vooral activa verhuren of delen, en marktplaatsen waarop particulieren spullen verkopen. Werk je al met een arbeidsovereenkomst bij een platform of bij een tussenpersoon, dan verandert het rechtsvermoeden voor jou niets: je bent al werknemer. De regels over algoritmes gelden wel voor iedereen die platformwerk verricht, ongeacht het soort contract.
Ben je geen platformwerkende maar twijfel je of je als zzp’er eigenlijk werknemer bent? Lees dan de algemene uitleg over schijnzelfstandigheid en de vraag werknemer of zzp’er. Voor bezorgers staat de toets per situatie uitgewerkt in werknemer of zzp’er als bezorger.
Huidig recht: zo wordt je positie nu beoordeeld
Zolang de Wet platformwerk niet geldt, bepaalt artikel 7:610 BW of je werknemer bent: arbeid, loon en werken in dienst van een ander. Het etiket in de app of de voorwaarden is niet beslissend. In het Deliveroo-arrest van 24 maart 2023 (ECLI:NL:HR:2023:443) oordeelde de Hoge Raad dat alle omstandigheden in onderling verband tellen, en dat de vrijheid om je aan te melden, opdrachten te weigeren of je te laten vervangen een arbeidsovereenkomst niet op zichzelf uitsluit. In de Uber-beslissing van 21 februari 2025 (ECLI:NL:HR:2025:319) voegde de Hoge Raad toe dat de vraag of iemand zich in het economisch verkeer als ondernemer gedraagt of kan gedragen, verschil kan maken, ook op basis van omstandigheden buiten de relatie met het platform.
Daarnaast bestaat nu al een algemeen rechtsvermoeden in artikel 7:610a BW. Wie drie opeenvolgende maanden wekelijks of ten minste twintig uur per maand tegen beloning voor een ander werkt, wordt vermoed dit te doen op basis van een arbeidsovereenkomst. Het platform kan dat vermoeden weerleggen.
Vanaf 31 december 2026 komt er een tweede wettelijk vermoeden bij, los van de Wet platformwerk. Wie werkt tegen een beloning van ten hoogste een bepaald uurtarief, wordt vermoed dat te doen op basis van een arbeidsovereenkomst (artikel 7:610aa BW, Stb. 2026, 158, inwerkingtreding volgens Stb. 2026, 207). De wet noemt 36 euro per uur; het bedrag wordt geïndexeerd en voor de start bij ministeriële regeling vastgesteld. Ook dit vermoeden kan het platform weerleggen. Voor bezorgers en chauffeurs die per rit worden betaald, moet het tarief dan worden omgerekend naar een uurbedrag. Meer hierover lees je bij schijnzelfstandigheid: werknemer of zzp’er.
Nu en straks naast elkaar
De rechterkolom is geen geldend recht.
| Onderwerp | Nu (geldend recht op 27 september 2026) | Conceptvoorstel Wet platformwerk (nog geen wet) |
|---|---|---|
| Toets werknemerschap | Artikel 7:610 BW, uitgewerkt in Deliveroo (2023) en Uber (2025): alle omstandigheden samen. | Blijft artikel 7:610 BW. Het rechtsvermoeden verandert de kwalificatie niet, het verlaagt de drempel om die aan te tonen. |
| Rechtsvermoeden | Artikel 7:610a BW: drie maanden wekelijks of minstens twintig uur per maand werken. | Artikel 3 concept: vermoeden van een arbeidsovereenkomst bij feitelijke aanwijzingen van leiding en toezicht; volgens de toelichting aangetoond met twee van vijf criteria. |
| Bewijslast | Jij moet in beginsel stellen en bewijzen dat je werknemer bent; het rechtsvermoeden van artikel 7:610a BW kan daarbij helpen. | Slaagt je beroep op het vermoeden, dan moet het platform bewijzen dat er geen arbeidsovereenkomst is. |
| Besluit over je account | AVG artikel 22: geen besluit uitsluitend op geautomatiseerde verwerking met aanmerkelijke gevolgen, behoudens uitzonderingen; dan recht op menselijke tussenkomst. | Artikel 8 lid 6 concept: beperken, schorsen of beëindigen van een account alleen door een mens. |
| Uitleg over een besluit | AVG artikel 15: inzage en nuttige informatie over de onderliggende logica bij geautomatiseerde besluitvorming. | Artikel 9 concept: schriftelijke motivering uiterlijk op de ingangsdatum, contactpersoon, herziening met antwoord binnen twee weken. |
| Informatie aan vertegenwoordigers | Beperkt tot wat de algemene regels geven. | Artikel 6 en 8 concept: vertegenwoordigers worden geïnformeerd over het gebruik en substantiële wijzigingen van algoritmes en over evaluaties. |
| Periode | Geldt voor het verleden en het heden. | Artikel 26 concept: het vermoeden werkt alleen voor de periode vanaf inwerkingtreding. |
De vijf criteria uit het Nederlandse concept
De memorie van toelichting bij het concept noemt deze vijf criteria. Ze moeten nog in een algemene maatregel van bestuur worden opgenomen. Volgens de toelichting moet je aantonen dat aan ten minste twee van de vijf is voldaan om het vermoeden in te roepen.
| Criterium (zoals in de toelichting) | Wat telt volgens de toelichting | Mogelijk bewijs |
|---|---|---|
| a. Het digitaal arbeidsplatform bepaalt of beïnvloedt de hoogte van de vergoeding | Ook algoritmische prijsopdrijving. Niet: reële onderhandeling met de klant, of alleen grenzen aan extreem lage of hoge tarieven. | Tariefoverzichten, meldingen over tariefwijzigingen, uitbetalingsspecificaties. |
| b. Door of namens het digitaal arbeidsplatform wordt de verdeling of toewijzing van opdrachten bepaald | Ook als het algoritme opdrachten zonder objectieve reden alleen aan een selecte groep toont. | Schermafbeeldingen van toegewezen ritten, zichtbare en onzichtbare opdrachten. |
| c. Er wordt door of namens het platform toezicht gehouden op de uitvoering van de werkzaamheden | Ook een kwaliteitsprofiel op basis van klantbeoordelingen. Niet: alleen de mogelijkheid voor klanten om een ervaring te delen. | Beoordelingsscores, waarschuwingen, prestatie-overzichten, GPS-meldingen. |
| d. De vrijheid om taken te aanvaarden of te weigeren wordt door of namens het digitaal arbeidsplatform beperkt, waaronder door het opleggen van sancties | Ook minder lucratieve opdrachten of een lager tarief na weigeren. Niet: opdrachten die je wettelijk niet mag uitvoeren. | Meldingen over acceptatiegraad, tijdelijke blokkades na weigeren. |
| e. De persoon die platformwerk verricht, wordt door het digitaal arbeidsplatform verplicht specifieke bindende regels in acht te nemen met betrekking tot het uiterlijk, het gedrag ten aanzien van de afnemer van de dienst of de uitvoering van het werk | Kleding, logo’s, voorgeschreven teksten of werkwijze. Niet: gewone wettelijke veiligheidsregels. | Gedragscode, instructies in de app, verplichte tas of kleding. |
Twee criteria halen maakt je niet automatisch werknemer: het platform moet dan bewijzen dat er geen arbeidsovereenkomst is. Volgens de toelichting is het doel niet meer werknemerschap, maar het makkelijker aantonen ervan als het zo is.
Geen Europese twee-uit-vijftoets
Het oorspronkelijke voorstel van de Europese Commissie bevatte een twee-uit-vijfregel, maar die haalde de eindtekst niet. Artikel 5 van de richtlijn schrijft alleen een weerlegbaar vermoeden voor bij feitelijke aanwijzingen van leiding en toezicht, en laat de uitwerking aan de lidstaten. De twee van vijf is dus een Nederlandse keuze in een concept.
Bewijslast, tussenpersonen en uitzonderingen
Onder het concept kun je het vermoeden ook inroepen als je via een tussenpersoon werkt, zoals een fleetpartner of bemiddelaar met wie je je contract hebt. Het vermoeden richt zich dan tegen die tussenpersoon, terwijl de criteria worden getoetst aan zowel de tussenpersoon als het platform.
Uitzonderingen en beperkingen om rekening mee te houden:
- Volgens artikel 5 lid 3 van de richtlijn geldt het vermoeden in beginsel niet in fiscale, strafrechtelijke en socialezekerheidsprocedures. Lidstaten mogen het daar wel toepassen. Het concept past het ook toe bij de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.
- Het recht op menselijke toetsing uit artikel 9 van het concept geldt niet voor zakelijke gebruikers in de zin van de Europese platform-to-businessverordening (EU) 2019/1150.
- Het vermoeden werkt niet terug. Vorderingen over de tijd vóór inwerkingtreding worden beoordeeld naar het recht van dat moment.
- Ben je werknemer, dan kan een cao van toepassing zijn, bijvoorbeeld als die algemeen verbindend is verklaard voor de sector. De Uber-procedure ging juist over naleving van de algemeen verbindend verklaarde Cao Taxivervoer. Controleer daarom welke cao voor jouw werk geldt.
Algoritmen en menselijke beslissingen
Wat het concept regelt
Het concept verbiedt onder meer het verwerken van gegevens over je emotionele toestand of privégesprekken (artikel 4), verplicht platforms je te informeren over hun systemen (artikel 6) en geeft recht op overdracht van je gegevens, inclusief beoordelingen (artikel 7). Elk besluit om je account te beperken, te schorsen of te beëindigen mag alleen door een mens worden genomen (artikel 8 lid 6). Bij zo’n besluit heb je recht op een schriftelijke motivering, een aangewezen contactpersoon en herziening, met een gemotiveerd antwoord binnen twee weken (artikel 9). Zie ook het nieuwsbericht van de Rijksoverheid.
Wat nu al kan met de AVG
Je hoeft niet op de nieuwe wet te wachten. De Algemene verordening gegevensbescherming geldt al:
- Artikel 15 AVG, inzage. Je mag opvragen welke gegevens het platform over je verwerkt. Bij geautomatiseerde besluitvorming heb je recht op nuttige informatie over de onderliggende logica en de verwachte gevolgen.
- Artikel 22 AVG, geautomatiseerde besluiten. Je hebt het recht niet te worden onderworpen aan een besluit dat uitsluitend op geautomatiseerde verwerking berust en je in aanmerkelijke mate treft. Er zijn uitzonderingen, bijvoorbeeld als het besluit noodzakelijk is voor de overeenkomst. Dan moet het platform wel waarborgen bieden: ten minste menselijke tussenkomst, het recht je standpunt te geven en het besluit te betwisten.
- Termijn. Het platform moet binnen een maand reageren. Bij complexe of veel verzoeken kan dat met twee maanden worden verlengd, mits je daarover binnen de eerste maand wordt geïnformeerd (artikel 12 lid 3 AVG).
Artikel 22 AVG gaat alleen over uitsluitend geautomatiseerde besluiten. Zegt het platform dat een medewerker meekeek, vraag dan wat die precies heeft beoordeeld.
Account geblokkeerd of gedeactiveerd: wat nu
Een deactivatie kan juridisch verschillend uitpakken. Ben je zelfstandige, dan gaat het om beëindiging van een opdracht; zie wat je kunt doen als een opdrachtgever de opdracht beëindigt. Ben je volgens huidig recht werknemer, dan kan een definitieve blokkade neerkomen op een opzegging of een schorsing. Bij een schorsing blijft loonbetaling in beginsel de vraag; lees meer over loon bij schorsing of non-actiefstelling.
Belangrijk verschil in termijnen. Wil je als werknemer een opzegging laten vernietigen of een billijke vergoeding vragen, dan vervalt die bevoegdheid twee maanden na de dag waarop de arbeidsovereenkomst is geëindigd (artikel 7:686a lid 4 BW). Dat is een vervaltermijn: een brief stuit die niet. Een vordering tot achterstallig loon verjaart in beginsel na vijf jaar, en die verjaring kun je wel stuiten. Hoe dat werkt, lees je bij verjaring van een loonvordering stuiten. Reken voor de zekerheid vanaf de dag van de blokkade. Een overzicht van termijnen staat in termijnen in het arbeidsrecht.
Stappenplan bij een blokkade
- Maak direct schermafbeeldingen van het blokkadebericht, je profiel, je scores en je laatste opdrachten, met zichtbare datum en tijd.
- Download ritoverzichten, uitbetalingen en berichten; na deactivatie kan de toegang verdwijnen.
- Vraag het platform schriftelijk om de reden van de blokkade, de gebruikte gegevens en of een mens het besluit heeft genomen of beoordeeld.
- Dien tegelijk een inzageverzoek in op grond van artikel 15 AVG en verwijs naar artikel 22 AVG als de blokkade geautomatiseerd lijkt.
- Geef schriftelijk je eigen lezing van de feiten en vraag om heroverweging.
- Laat binnen enkele weken beoordelen of je volgens huidig recht werknemer bent. Die uitkomst bepaalt welke termijnen en vorderingen gelden.
- Reageert het platform niet binnen de AVG-termijn, dan kun je een klacht indienen bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Die klacht beschermt je arbeidsrechtelijke termijnen niet.
- Start zo nodig tijdig een procedure bij de kantonrechter en stuit de verjaring van loonvorderingen.
Bewijsstukken die je bewaart
- De platformvoorwaarden en wijzigingsberichten.
- Het deactivatie- of blokkadebericht en alle correspondentie daarna.
- App-schermafbeeldingen van opdrachten, toewijzing, acceptatiegraad en waarschuwingen.
- Tariefoverzichten, uitbetalingsspecificaties en bankafschriften.
- Beoordelingen, scores en klachten die aan je profiel zijn gekoppeld.
- Instructies over kleding, tas, logo of werkwijze.
- Je gewerkte uren per week (artikel 7:610a BW).
- Je bezwaarhistorie: eerdere verzoeken om uitleg en de antwoorden.
- Gegevens over ander werk en je fiscale positie (ondernemerschap weegt mee).
Fictief voorbeeld: bezorger met een geblokkeerd account
Fictief voorbeeld, met aannames. Samir bezorgt sinds januari 2026 maaltijden via een app, gemiddeld 25 uur per week. Hij staat ingeschreven als zzp’er, heeft geen andere opdrachtgevers en verdient gemiddeld € 450 bruto per week (fictief bedrag, vóór kosten en belasting). De app bepaalt het tarief per rit, wijst ritten toe en toont zijn acceptatiegraad. Op 1 september 2026 krijgt hij het bericht dat zijn account is gedeactiveerd wegens “onregelmatige locatiegegevens”. Er staat geen naam van een medewerker bij.
Huidig recht. Samir werkt meer dan drie maanden wekelijks, dus hij kan zich beroepen op artikel 7:610a BW. Het platform mag dat weerleggen. De rechter kijkt daarna naar alle omstandigheden uit Deliveroo, inclusief de vraag of Samir zich als ondernemer gedraagt. Als hij werknemer is, kan de deactivatie een opzegging zijn. Hij rekent de vervaltermijn van twee maanden daarom voorzichtig vanaf 1 september 2026 en stuurt tegelijk een inzageverzoek op grond van artikel 15 en 22 AVG.
Als het concept ongewijzigd wet wordt. Samir zou criterium a (tarief) en b (toewijzing) kunnen aantonen, waarna het platform moet bewijzen dat hij geen werknemer is. De deactivatie zou door een mens genomen en schriftelijk gemotiveerd moeten worden. Dat geldt alleen voor de periode na inwerkingtreding, dus niet voor september 2026.
Wat nog niet vaststaat
- Of de vijf criteria en de drempel van twee ongewijzigd blijven na de consultatie en het advies van de Raad van State.
- De datum van inwerkingtreding en of onderdelen op verschillende momenten ingaan.
- Welke toezichthouder precies welke regels handhaaft. Het concept noemt voor de algoritmeregels de Autoriteit Persoonsgegevens.
Letsel opgelopen tijdens het bezorgen? Ook dan telt of je werknemer bent. Zie schadevergoeding na een ongeluk als bezorger.
Veelgestelde vragen
Is de Wet platformwerk al geldig?
Nee. Op 27 september 2026 is de Wet platformwerk een conceptvoorstel. De internetconsultatie sloot op 24 augustus 2026 en op de peildatum is ons geen ingediend wetsvoorstel bij de Tweede Kamer bekend.
Wat betekent twee van vijf criteria?
Volgens de toelichting bij het Nederlandse concept kun je het rechtsvermoeden inroepen als je aantoont dat aan ten minste twee van vijf criteria is voldaan. Je bent dan niet automatisch werknemer, maar het platform moet bewijzen dat er geen arbeidsovereenkomst is.
Mag een algoritme nu al mijn account blokkeren?
Artikel 22 AVG geeft nu al het recht om niet te worden onderworpen aan een besluit dat uitsluitend geautomatiseerd is en je in aanmerkelijke mate treft. Er zijn uitzonderingen, maar dan moet het platform ten minste menselijke tussenkomst en de mogelijkheid tot betwisting bieden.
Waar kan ik nu al bezwaar maken tegen een blokkade?
Eerst schriftelijk bij het platform zelf, met een verzoek om uitleg en heroverweging en een inzageverzoek op grond van artikel 15 AVG. Reageert het platform niet binnen de AVG-termijn, dan kun je klagen bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Voor arbeidsrechtelijke vorderingen ga je naar de kantonrechter, binnen de geldende termijnen.
Geldt het rechtsvermoeden ook voor de tijd vóór de nieuwe wet?
Volgens artikel 26 van het concept niet. Het vermoeden wordt alleen toegepast op de periode vanaf inwerkingtreding. Voor de periode daarvoor geldt het oude recht.
Hoe snel moet ik handelen na een deactivatie?
Zo snel mogelijk. Ben je werknemer en wil je een opzegging laten vernietigen of een billijke vergoeding vragen, dan vervalt dat recht twee maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst. Die vervaltermijn stuit je niet met een brief.
Andere flexvormen staan in de overzichtspagina arbeidsrecht voor flexwerkers. Is je account geblokkeerd of wil je weten of je nu al werknemer bent? Laat je situatie als platformwerker beoordelen. Bij een laag inkomen kan een advocaat op toevoeging mogelijk zijn; voor openstaand loon is er hulp bij een loonvordering.
Bronnen en juridische basis
- Internetconsultatie Wet platformwerk: conceptvoorstel van wet en memorie van toelichting (consultatie 29 juni tot en met 24 augustus 2026, gesloten). Criteria: algemeen deel van de toelichting bij het rechtsvermoeden; overgangsrecht: artikel 26; inwerkingtreding: artikel 27.
- Rijksoverheid, nieuwsbericht 29 juni 2026: Gelijker speelveld en betere positie platformwerker door nieuwe wet.
- Richtlijn (EU) 2024/2831 van 23 oktober 2024, PB L 2024/2831 van 11 november 2024, met name artikelen 5, 10 en 29.
- Raad van de Europese Unie, EU rules on platform work.
- Burgerlijk Wetboek Boek 7: artikelen 7:610, 7:610a en 7:686a lid 4.
- Hoge Raad 24 maart 2023, ECLI:NL:HR:2023:443 (Deliveroo).
- Hoge Raad 21 februari 2025, ECLI:NL:HR:2025:319 (Uber, prejudiciële beslissing).
- Algemene verordening gegevensbescherming: artikelen 12, 15 en 22.
Bronnen geraadpleegd op 27 september 2026. Het voorbeeld is fictief. De Wet platformwerk is op de peildatum een conceptvoorstel; controleer bij twijfel de actuele status.



